Spring naar inhoud

1.
Bestuursverslag Stap

1.1 Kerngegevens per 31 december 2025

Pensioenkring Aantal deelnemers   Beleids-dekkingsgraad   Feitelijke-dekkingsgraad   Technische voorzieningen
in € 1.000
  Eigen vermogen
in € 1.000
Pensioenkring Eastman 1.139   123,9%   124,6%   142.928   35.223
Pensioenkring SVG 6.617   127,0%   128,4%   435.860   123.788
Pensioenkring Holland Casino* 11.078   nvt   101,9%   1.661.857   32.608
Pensioenkring Douwe Egberts 8.388   136,7%   139,4%   1.205.948   475.014
Pensioenkring Ballast Nedam 5.771   127,8%   134,1%   726.145   247.341
Pensioenkring GE Nederland 2.635   149,6%   163,5%   399.718   254.015
Pensioenkring TotalEnergies Nederland 1.927   124,4%   127,2%   401.043   109.182
Pensioenkring Aon Groep Nederland 2.875   154,0%   162,8%   446.465   280.280
Pensioenkring Astellas 2.106   133,4%   140,2%   356.240   143.165
Pensioenkring IFF 2.852   141,1%   147,6%   319.651   152.274
Multi-client Pensioenkring 2 8.735   122,8%   127,8%   649.574   180.610

1.2 Karakteristieken van Stap

Profiel

Stichting Algemeen Pensioenfonds Stap (Stap) is een algemeen pensioenfonds zoals bedoeld in artikel 1 van de Pensioenwet. Stap is een stichting zonder winstoogmerk en voert meerdere pensioenregelingen uit in meerdere collectiviteitkringen. De collectiviteitkringen hebben een afgescheiden vermogen en een eigen financiële opzet.

Stap biedt sinds haar oprichting een bewezen toekomstbestendige oplossing voor pensioenfondsen die geen toekomst als zelfstandig fonds voorzien. Daarbij richt Stap zich met haar strategische uitbestedingspartners op een kwalitatief hoogwaardige dienstverlening in het belang van alle deelnemers.

De benaming die Stap hanteert voor collectiviteitkringen is pensioenkringen. Stap kent twee verschillende typen pensioenkringen, namelijk single-client en multi-client. Het onderscheidende kenmerk is dat in de multi-client pensioenkringen meerdere pensioenregelingen voor verschillende werkgevers worden uitgevoerd. Deze regelingen bieden – door een modulair programma – een ruime mate van keuzemogelijkheden. Bij een single-client pensioenkring wordt in een eigen omgeving de pensioenregeling van één werkgever (of gelieerde werkgevers) of een gesloten pensioenregeling uitgevoerd.

Stap heeft een onafhankelijk bestuursmodel. Het bestuur van Stap is verantwoordelijk voor het beleid en de uitvoering van de pensioenregelingen in de verschillende pensioenkringen. Stap belegt het vermogen van ieder van de pensioenkringen afzonderlijk. Daarbij streeft Stap naar een optimaal pensioenresultaat voor de deelnemers in elke pensioenkring. Stap voert een solide beleggingsbeleid dat passend is bij de pensioenverplichtingen, ambitie en risicohouding van de betreffende pensioenkringen.

Voor de dagelijkse uitvoering van het beleid kunnen onze pensioenkringen rekenen op de expertise en aansturing van een gespecialiseerd bestuursbureau. Het bestuursbureau coördineert de dagelijkse gang van zaken naar alle organen en uitbestedingspartners van Stap. Daarnaast ondersteunen zij het bestuur met beleidsadvisering en stellen zij de raad van toezicht en de belanghebbendenorganen in staat hun rol goed te vervullen.

Het intern toezicht heeft Stap belegd bij een onafhankelijke raad van toezicht. De raad van toezicht vervult zijn toezichttaak zodanig dat deze bijdraagt aan het effectief en slagvaardig functioneren van Stap en aan een aantoonbare beheerste en integere bedrijfsvoering. De raad van toezicht heeft op grond van wet- en regelgeving goedkeuringsrechten.

Iedere pensioenkring heeft een eigen belanghebbendenorgaan. Dit orgaan bestaat uit vertegenwoordigers van deelnemers, pensioengerechtigden en werkgever(s) (1) van de betreffende pensioenkring. Het belanghebbendenorgaan heeft diverse (boven)wettelijke advies- en goedkeuringsrechten. De voorzitters van de belanghebbendenorganen vormen gezamenlijk de vergadering van belanghebbendenorganen. Dit orgaan heeft onder meer de bevoegdheid om bestuursleden en leden van de raad van toezicht van Stap te benoemen en te ontslaan.

(1) Bij pensioenkringen zonder toekomstige opbouw voor deelnemers heeft de werkgever er soms voor gekozen om geen zitting te nemen in het belanghebbendenorgaan.

Onze missie

Stap is als algemeen pensioenfonds de pensioenuitvoerder die eerste klas oplossingen biedt aan werkgevers en pensioenfondsen voor de uitvoering van hun huidige pensioenregeling én voor de transitie naar de nieuwe pensioenregelingen zoals beschreven in de Wet toekomst pensioenen. Daarbij staat Stap voor een optimaal evenwicht tussen pensioenresultaat, kosten, bedrijfszekerheid en kwaliteit. Stap neemt daarbij passende maatschappelijke verantwoordelijkheid in het licht van onder andere duurzaamheid.

Onze visie

Stap biedt, op basis van haar kennis en ervaring met onder andere haar bestaande pensioenkringen, een compleet palet aan pensioenoplossingen, inclusief transitie en begeleiding – zowel binnen FTK als binnen de Wet toekomst pensioenen – voor pensioenfondsen en werkgevers. Daarbij nemen ook zorgplicht, advies (ondersteuning) en informeren en activeren van deelnemers een belangrijke plaats in. Naast persoonlijke verbinding, maakt Stap ook gebruik van moderne (digitale) tooling en zijn de oplossingen passend bij de hedendaagse verwachtingen van deelnemers, sociale partners en pensioenfondsbesturen.

Onze strategie

Stap heeft de ambitie om hét algemeen pensioenfonds in Nederland te zijn dat zowel deelnemers, werkgevers en latende pensioenfondsen ontzorgt. Dat gebeurt door:

  • het bieden van gemak: werkgevers het werk met betrekking tot hun pensioenregeling vergaand uit handen nemen en hen waar mogelijk maatwerk bieden;
  • pensioenfondsen met raad en daad bijstaan in hun proces op weg naar opheffing en hen een soepele transitie te bieden;
  • eerlijke, begrijpelijke en adequate (deelnemers)communicatie;
  • deelnemers te betrekken bij hun pensioen, zodat zij handelen wanneer nodig;
  • het ontwikkelen van passende proposities;
  • samen te werken met financieel krachtige uitbestedingspartners die hebben bewezen te beschikken over een excellente uitvoering.

De strategie van Stap is gericht op ‘beheerste groei’. Dat betekent dat Stap in de komende periode haar  positie als algemeen pensioenfonds verder wil uitbouwen en haar strategie gericht op continuïteit en een adequate schaalgrootte naar de toekomst toe wil blijven waarborgen. De transitie naar de Wet toekomst pensioenen biedt hiertoe voldoende kansen. Stap blijft pensioenfondsen en werkgevers een toekomstbestendige pensioenoplossing bieden waarin de deelnemer centraal staat tegen de beste prijs-kwaliteitverhouding. Stap biedt alle contractvormen aan.

Transitie naar het nieuwe pensioenstelsel

De pensioensector is vol in transitie naar de Wet toekomst pensioenen (Wtp). Voor een aantal pensioenfondsen speelt de vraag of zij al dan niet zelfstandig blijven voortbestaan. 

Stap biedt hen een passend en toekomstbestendig alternatief, inclusief ondersteuning van sociale partners die de pensioenregeling en de uitvoering daarvan mogelijk opnieuw moeten inrichten.

Vanuit haar missie, visie en strategie biedt Stap binnen de door de wet geboden mogelijkheden alle contractvormen aan: FTK, solidaire premieregeling (SPR) en de flexibele premieregeling (FPR).

Stap begeleidt haar bestaande pensioenkringen zorgvuldig naar een soepele transitie. De proposities en de aanwezige ervaring met transities staan uiteraard ook ten dienste van pensioenfondsen die nadenken over een overdracht naar een single-client of multi-client pensioenkring.

Doordat Stap zowel de SPR en de FPR als het huidige FTK faciliteert, kan Stap de bestaande pensioenkringen en nieuwe toetreders toekomstbestendige pensioenoplossingen blijven aanbieden.

Beleid en verantwoording

Stap geeft uitvoering aan de pensioenregelingen van de afzonderlijke pensioenkringen. Deze uitvoering bestaat uit het voeren van de pensioenadministratie, het beleggen van het vermogen, het doen van uitkeringen en het afleggen van verantwoording aan en informeren van alle belanghebbenden.

In de uitvoeringsovereenkomsten en/of uitvoeringsreglementen met de afzonderlijke pensioenkringen zijn afspraken gemaakt over de beleidsruimte van het bestuur. Het bestuur is eindverantwoordelijk voor de uitvoering.

Daartoe heeft Stap de volgende beleids- en verantwoordingscyclus geïmplementeerd:

Elke pensioenkring heeft een eigen actuariële en bedrijfstechnische nota (ABTN). In de ABTN is de opzet van het (financieel) beleid van de pensioenkring, de risicoanalyse en de wijze van uitvoering gedocumenteerd. Uitgangspunt in het handelen van het bestuur is dat wordt gehandeld in het belang van alle belanghebbenden van de pensioenkringen. Onder belanghebbenden wordt verstaan de deelnemers, gewezen deelnemers, pensioengerechtigden en de werkgevers.

Kenmerken pensioenregelingen

De kenmerken van de verschillende pensioenregelingen die Stap uitvoert, zijn opgenomen in de pensioenparagrafen van de verschillende pensioenkringen.

Governancestructuur

De governancestructuur is ingericht volgens een onafhankelijk bestuursmodel met een professioneel bestuur en raad van toezicht. De inrichting en samenstelling van de verschillende organen van Stap worden hierna toegelicht.

Bestuur

De samenstelling en zittingstermijnen van het bestuur zijn op het moment van vaststellen van het jaarverslag als volgt:

Naam bestuurslid (geboortejaar) Aanvang
eerste termijn
Aanvang
tweede termijn
Aanvang
derde termijn
Maximale
zitting tot*
Jeroen de munnik (1966), voorzitter 01-01-2026 01-01-2030 01-01-2034 01-01-2038
Huub Popping (1960) 01-07-2016 01-07-2019 01-07-2023 01-07-2027
Danielle Melis (1972) 01-07-2016 01-07-2020 01-07-2024 01-07-2028
Fred Ooms (1959) 01-07-2016 01-07-2021 01-07-2025 01-07-2029

De tweede zittingstermijn van Fred Ooms liep op 1 juli 2025 af. Fred Ooms heeft zich beschikbaar gesteld voor een nieuwe zittingstermijn. De vergadering van belanghebbendenorganen heeft Fred Ooms, op voorstel van het bestuur, voor een periode van maximaal vier jaar herbenoemd.

Marga Schaap heeft haar rol als bestuurslid en voorzitter per 1 januari 2026 beëindigd. Per die datum is zij opgevolgd door Jeroen de Munnik.

Bestuursbureau

Het bestuursbureau is verantwoordelijk voor de algehele ondersteuning van het bestuur, de bestuursadviescommissies, de belanghebbendenorganen, de vergadering van belanghebbendenorganen en de raad van toezicht. Daarnaast houdt het bestuursbureau de ontwikkelingen op de verschillende aandachtsgebieden bij en initieert nieuw beleid. Het bestuursbureau voert namens het bestuur de regie op de activiteiten die worden uitgevoerd door de uitbestedingspartners en monitort de uitvoering van de uitbestede activiteiten. Bovendien is het bestuursbureau het eerste aanspreekpunt voor de belanghebbendenorganen, de vergadering van belanghebbendenorganen en de raad van toezicht en bevordert het bestuursbureau de efficiënte en effectieve informatie-uitwisseling tussen het bestuur, de belanghebbendenorganen, de vergadering van belanghebbendenorganen en de raad van toezicht. De directie wordt gevoerd door Gerard Frankema (algemeen directeur bestuursbureau), Bianca van Tilburg (directeur bedrijfsvoering) en Jelle Merkus (programmadirecteur Wtp).

Bestuursadviescommissies

Het bestuur van Stap wordt ondersteund door de volgende bestuursadviescommissies: beleggingsadviescommissie, pensioen- & communicatieadviescommissie, audit advies- commissie en marketing & sales adviescommissie.

De samenstelling en de taken van de bestuursadviescommissies zijn op het moment van vaststellen van het jaarverslag als volgt:

    Bestuursadviescommissies    
  Beleggings-
adviescommissie
Pensioen- &
communicatie-
adviescommissie
Audit adviescommissie Marketing &
sales
adviescommissie
Aandachtsgebied Vermogensbeheer Pensioen & communicatie Audit & risk Marketing & sales
Voorzitter Huub Popping (a.i.) Fred Ooms Danielle Melis Heiko Hoogendijk
Commissieleden Danielle Melis
Jan Matthijssen
Jeroen de Munnik
Lenneke Rademaker
Huub Popping
Bianca van Tilburg
Jeroen de Munnik
Lenneke Rademaker
Gerard Frankema
Toehoorders Jeroen Burcksen
Karel Bunte
Gerard Frankema
Jeroen Burcksen Jeroen Burcksen Jeroen Burcksen
Taken Advisering over:
• beleggingsbeleid
• toezicht uitbesteding vermogensbeheer
Advisering over:
• pensioen- en communicatiebeleid
• toezicht uitbesteding pensioenbeheer
Advisering over:
• Integraal risicomanagement
• governance
• toezicht uitbestedings-overeenkomsten
• planning- en controlcyclus
Advisering over:
• marketing- en sales beleid
• toezicht uitbesteding
• regievoering over offertetrajecten

Naast de bestuursadviescommissies is voor de coördinatie van alle werkzaamheden voor de Wtp een tijdelijke coördinatiecommissie ingericht: de coördinatiecommissie Wtp. Daarnaast is in het kader van Maatschappelijk Verantwoord Beleggen een tijdelijke MVB-werkgroep ingericht. 

Raad van Toezicht

De samenstelling en zittingstermijnen van de leden van de Raad van Toezicht zijn op het moment van vaststellen van het jaarverslag als volgt:

Naam lid raad van toezicht (geboortejaar) Ingangsdatum
zittingtermijn
Einddatum
1e zittingtermijn
Maximale
zitting tot
Peter Dorrestijn (1962), voorzitter 01-09-2024 01-09-2028 01-09-2032
Martine Menko (1962) 16-03-2021 16-03-2025 16-03-2029
Marlies van Loon (1966) 01-07-2025 01-07-2029 01-07-2033

De raad van toezicht is verantwoordelijk voor het intern toezicht bij Stap. Zo draagt de raad van toezicht bij aan het effectief en slagvaardig functioneren van Stap en aan een beheerste en integere bedrijfsvoering. Bij zijn taak betrekt de raad van toezicht de naleving van de Code Pensioenfondsen. Op grond van wet- en regelgeving heeft de raad van toezicht goedkeuringsrechten en legt de raad van toezicht verantwoording af aan de (vergadering van) belanghebbendenorganen over het gevoerde interne toezicht op Stap als instelling alsmede op elk van de pensioenkringen. De raad van toezicht voert ook overleg met de belanghebbendenorganen van alle pensioenkringen. In het bestuursverslag doet de raad van toezicht verslag van het uitgevoerde intern toezicht.

Martine Menko is vanaf 16 maart 2025 herbenoemd voor een tweede termijn op voordracht van de raad van toezicht en na goedkeuring door de VvBO. Op 1 juli 2025 is de laatste zittingstermijn van Jacques Moors geëindigd en ontstond er een vacature in de raad van toezicht. Na een doorlopen werving- en selectietraject is Marlies van Loon per 1 juli 2025 benoemd als lid van de raad van toezicht. Vanaf 1 juli 2025 vervult Peter Dorrestijn de rol van voorzitter van de raad van toezicht.

Belanghebbendenorganen

Per pensioenkring is er een belanghebbendenorgaan ingericht dat uitsluitend de taken en bevoegdheden heeft voor zover deze betrekking hebben op de pensioenkring waarvoor het belanghebbendenorgaan is ingesteld. De leden van de belanghebbendenorganen bestaan uit een vertegenwoordiging van werkgevers, deelnemers en pensioengerechtigden, die op voordracht van dan wel via verkiezingen tot de belanghebbendenorganen kunnen worden gekozen. Er zijn ook pensioenkringen zonder vertegenwoordiging van werkgevers in het belanghebbendenorgaan (2).

Het belanghebbendenorgaan vertegenwoordigt de belanghebbenden van de desbetreffende pensioenkring. Naast wettelijke advies- en goedkeuringsrechten heeft het belanghebbendenorgaan van elke pensioenkring ook een aantal bovenwettelijke goedkeuringsrechten. Uitgangspunt voor het belanghebbendenorgaan is dat er gehandeld wordt in het belang van alle belanghebbenden van de pensioenkring. Het belanghebbendenorgaan doet verslag van zijn bevindingen in het bestuursverslag. Het bestuur overlegt periodiek met de belanghebbendenorganen.

(2) Bij een aantal pensioenkringen zonder toekomstige opbouw voor deelnemers heeft de werkgever ervoor gekozen om geen zitting te nemen in het belanghebbendenorgaan.

Vergadering van belanghebbendenorganen

Naast de belanghebbendenorganen heeft Stap een vergadering van belanghebbendenorganen ingesteld. Dit is een bovenwettelijk orgaan, waarin alle voorzitters van de belanghebbendenorganen van de afzonderlijke pensioenkringen zitting hebben. De vergadering van belanghebbendenorganen heeft de volgende bevoegdheden:

  • benoemen, schorsen en ontslaan van bestuursleden en leden van de raad van toezicht
  • gehoord worden bij de vaststelling van de profielschets voor bestuurders
  • afnemen van verantwoording door de raad van toezicht
  • advies uitbrengen over een voorgenomen besluit dat betrekking heeft op twee of meer collectiviteitkringen met betrekking tot
    • een overeenkomst van uitbesteding met een uitvoeringsorganisatie en
    • de jaarlijkse evaluatie van de uitvoeringsorganisaties
  • goedkeuren van een voorgenomen besluit van het bestuur met betrekking tot
    • liquidatie, fusie of splitsing van Stap
    • wijziging van de statuten (3)

(3) Met uitzondering van een aantal artikelen, zoals artikelen die betrekking hebben op de goedkeuringsrechten van de belanghebbendenorganen (zie hiervoor de statuten van Stap).

Geschillencommissie

Voor de behandeling van geschillen van (gewezen) deelnemers, pensioengerechtigden en aangesloten werkgevers, die niet door de Geschillen Instantie Pensioenfondsen worden behandeld, heeft Stap een geschillencommissie ingesteld. De geschillencommissie bestaat uit twee bestuursleden en een onafhankelijke deskundige, die voorzitter is en door het bestuur wordt benoemd. Deze deskundige maakt geen deel uit van één van de fondsorganen van Stap.

De Geschillencommissie is als volgt samengesteld:

Naam commissielid (geboortejaar) Ingangsdatum
zittingtermijn
Einddatum
1e zittingtermijn
Maximale
zitting tot
Willem Wille (1967),
onafhankelijk extern voorzitter
16-02-2023 16-02-2027 16-02-2031
Jeroen de Munnik (1966) 01-01-2026 01-01-2030 01-01-2034
Fred Ooms (1959) 12-12-2018 12-12-2022 12-12-2026

Diversiteit bestuur en overige gremia

In de samenstelling van het bestuur, de raad van toezicht en de belanghebbendenorganen streeft Stap naar de vereisten voor diversiteit en inclusie zoals bedoeld in de Code Pensioenfondsen. Stap ziet diversiteit en inclusie niet sec als gender- of leeftijdsdiversiteit, maar streeft naar diversiteit en inclusie gebaseerd op onder meer: kennis, ervaring, achtergrond en persoonlijkheid. Het onderscheid in gender en leeftijd is daarin een factor.

Onderstaande tabel geeft inzicht in de verdeling naar geslacht en leeftijd van het bestuur, de raad van toezicht, het bestuursbureau en de overige organen op het moment van vaststellen van het jaarverslag.

Orgaan Geslachtsdiversiteit Leeftijdsdiversiteit
  Man Vrouw < 40 jaar > 40 jaar
Bestuur 3 1 0 4
Raad van toezicht 1 2 0 3
Bestuursbureau 7 6 2 11
Belanghebbendenorganen (totaal) 42 9 2 49

Bij Stap is er voortdurend aandacht voor diversiteit en inclusie binnen alle fondsorganen. Het bestuur heeft het diversiteits- en inclusiebeleid vastgesteld en opgenomen in het geschiktheidsplan, alsmede de betreffende functieprofielen. Bij nieuwe benoemingen is er aandacht voor evenwicht op het gebied van diversiteit en inclusie voor de fondsorganen. Daarbij zijn leeftijd en gender van belang, maar niet doorslaggevend ten opzichte van de geschiktheid. Ook diversiteit in denken, achtergrond zijn van belang voor het collectief en het functioneren van de organen van Stap.

Sleutelfuncties

Stap heeft de sleutelfuncties op het moment van vaststellen van het jaarverslag als volgt ingericht:

Sleutelfunctie Houder sleutelfunctie
Risicobeheerfunctie Jeroen Burcksen
Actuariële functie Pieter Heesterbeek
Interne auditfunctie Edward Mulder

Marjo Roerdink is per 1 mei 2025 uit dienst getreden bij Stap. Tot die tijd was zij sleutelfunctiehouder interne audit. Deze rol is vanaf 1 mei 2025 ingevuld door Edward Mulder van Forvis Mazars.

De houder van de risicobeheerfunctie woont als toehoorder alle vergaderingen van het bestuur en de bestuursadviescommissies bij. De houders van de actuariële functie en de interne auditfunctie kunnen deze vergaderingen eveneens als toehoorder bijwonen, indien dit voor de invulling van hun functie opportuun is.

Iedere maand vindt overleg plaats tussen de sleutelfunctiehouders, de programmadirecteur Wtp en de directeur bedrijfsvoering teneinde ontwikkelingen en lopende zaken te bespreken alsmede de werkzaamheden af te stemmen.

Uitbestedingspartners

Stap heeft de volgende uitbestedingspartners geselecteerd, waarmee op basis van marktconforme overeenkomsten en Service Level Agreements in een strategisch partnerschap wordt samengewerkt.

Compliance Officer

Het bestuur heeft de heer Harmen Pullen van Trivu als externe Compliance Officer aangesteld. De externe Compliance Officer rapporteert minimaal jaarlijks en zo nodig frequenter aan het bestuur. De compliance officer heeft een monitorende rol als het gaat om de integere bedrijfsvoering van Stap. Daarnaast treedt de compliance officer op als adviseur met betrekking tot compliance, integriteit, gedragsregels, belangenverstrengeling en incidentbehandeling.

Onafhankelijke accountant en certificerend actuaris

Als certificerend actuaris is Pieter Heesterbeek AAG van Triple A - Risk Finance Certification B.V. aangesteld. De onafhankelijke accountant van Stap is Eelco Brienesse RA van PricewaterhouseCoopers Accountants N.V..

1.3 Verslag van het boekjaar

Bestuursvergaderingen

Het bestuur heeft in het verslagjaar 57 bestuursvergaderingen gehouden. In alle vergaderingen is het voor besluitvorming noodzakelijke quorum aanwezig geweest.

Belangrijke vergaderonderwerpen in het verslagjaar waren:

  • verdere uitwerking en implementatie Wet toekomst pensioenen (Wtp)
  • transitiecommunicatie en toetsmoment 2 (Wtp)
  • strategisch beleid Stap, beleggingsbeleid, governance en bedrijfsvoering
  • strategie en toekomstbestendige financiële exploitatie van Stap op de korte en langere termijn
  • ontwikkelingen financiële markten, pensioenuitvoering en Wtp
  • markt- en pensioenontwikkelingen en innovatie
  • vermogensbeheer
  • spoedprocedure beleggingen
  • eigen risicobeoordeling (ERB) 
  • integraal risicomanagement
  • maatschappelijk verantwoord beleggen (MVB)
  • offertetrajecten, transitie en implementatie
  • jaarcyclus pensioenkringen met onder meer het beleggingsbeleid, het toeslagbeleid, het premiebeleid, de pensioenreglementen, de ABTN, het communicatiejaarplan, het jaarplan en de jaarbegroting
  • ICT- en informatiebeveiligingsbeleid en kader datakwaliteit
  • verdere ontwikkeling propositie voor de Wtp, voor zowel de SPR als de FPR
  • besluitvorming Wtp SPR en FPR
  • besluitvorming Wtp Pensioenkring Holland Casino en transitie per 1 mei 2025
  • besluitvorming Wtp Pensioenkring Ballast Nedam en Pensioekring Douwe Egberts
  • relevante ontwikkelingen op het gebied van wet- en regelgeving, waaronder Wdo (Wet digitale overheid) en goed omgaan met klachten
  • voorbereiding en implementatie DORA (Digital Operational Resilience Act)
  • verzoeken en richtlijnen vanuit toezichthouders DNB en AFM en melding incidenten
  • compliance
  • opvolging leden raad van toezicht en bestuur (selectietrajecten, benoemingen en herbenoemingen)
  • zelfevaluatie bestuur en raad van toezicht
  • aanpassing beleid en regelingen
  • toeslagverlening en AMvB
  • jaarwerk (jaarverslag 2024, actuariële rapporten, certificeringsrapporten, accountantsverslag)
  • uitbestedingspartners (evaluatie bestaande partners en beoordeling contracten met nieuwe (onderuitbesteding)partners)
  • marketing & sales
  • initiatieven en ontwikkelingen op het gebied van communicatie (zoals webinar, deelnemersonderzoeken
  • de collectieve waardeoverdracht van het IFF Pensioenfonds naar Pensioenkring IFF per 1 oktober 2025
  • kringspecifieke onderwerpen
  • (her)benoeming leden belanghebbendenorganen
  • (onder)uitbestedingsdossiers

Het bestuur heeft in het verslagjaar twee bestuursdagen gehouden. Daarin is onder meer aandacht besteed aan de ontwikkelingen voor de Wtp en de gevolgen daarvan voor de propositie van Stap, alsmede de gevolgen voor de inrichting, ontwikkeling van en de samenwerking tussen het bestuur en het bestuursbureau van Stap. Daarbij zijn tevens de missie, de visie en de strategie van Stap geëvalueerd.

Ter voorbereiding van de bestuursvergaderingen vergaderde de beleggingsadviescommissie elf keer, de pensioen- & communicatieadviescommissie vijftien keer, de audit adviescommissie negen keer en de marketing & sales adviescommissie twee keer. Daarnaast hebben de beleggingsadviescommissie en de pensioen- & communicatieadviescommissie vijf keer gezamenlijk vergaderd over de uitgangspunten en onderzoeksvragen voor de ALM-studies van enkele pensioenkringen.

De coördinatiecommissie Wtp (ccWtp) is wekelijks bijeen gekomen en de MVB-werkgroep heeft in 2025 drie keer vergaderd.

Naast de reguliere vergaderingen van het bestuur en de bestuursadviescommissies organiseerde Stap themadagen voor het bestuur en de raad van toezicht. Tijdens deze themadagen kwamen in 2025 onder meer de volgende onderwerpen aan bod: evaluatie uitvoering MVB-beleid, vooruitblik MVB-beleid,  ontwikkelingen bij Aegon AM en het business continuity beleid en -plan.

Tijdens de periodieke vergaderingen van het bestuur met elk van de belanghebbendenorganen (ten minste twee keer per jaar) wordt de dialoog gevoerd met het belanghebbendenorgaan. Tevens worden in deze vergaderingen onderwerpen ter goedkeuring, advies of informatie aan het belanghebbendenorgaan voorgelegd. 

Ontwikkelingen gedurende het jaar

Pensioenkringen

Per 1 mei 2025 is de eerste pensioenkring van Stap overgegaan naar de Wtp. Deze transitie is goed verlopen waarbij de transitiecommunicatie voorafgaand aan en na de transitie aan de deelnemers is verzonden. Ook toetsmoment 2 is afgerond, waarbij de accountant een goedkeurende verklaring heeft afgegeven. 

Per 1 oktober 2025 is Stichting Pensioenfonds IFF toegetreden tot een eigen pensioenkring. Er heeft een collectieve waardeoverdracht plaatsgevonden van Stichting Pensioenfonds IFF naar Pensioenkring IFF. De aangesloten onderneming IFF Nederland heeft per 1 oktober  2025 de pensioenregeling ondergebracht bij de eigen Pensioenkring IFF. 

Met de start van Pensioenkring IFF heeft Stap per 1 oktober 2025 elf pensioenkringen operationeel; tien single-client pensioenkringen en 1 multi-client pensioenkring.

Wet toekomst pensioenen

In 2025 is de eerste pensioenkring, Pensioenkring Holland Casino, na jaren van voorbereiding overgegaan naar het nieuwe stelsel. Het invaren, de opstart van de processen en de communicatie naar de deelnemers is succesvol verlopen. We zijn er trots op dat we dit, samen met onze adviseurs en uitbestedingspartners TKP en Aegon Asset Management, als een van de koplopers in Nederland bereikt hebben. Ook de volgende pensioenkringen worden volgens een gedegen planning begeleid naar het nieuwe stelsel. Alle bestuursadviescommissies zijn betrokken bij de voorbereiding van de besluitvorming door het bestuur, met medezeggenschap van de belanghebbendenorganen en de raad van toezicht. Dit alles onder de centrale regie van de coördinatiecommissie Wtp (ccWtp) van Stap.

Stap heeft met het live brengen van Pensioenkring Holland Casino een beleidskader en beproefde werkwijze ontwikkeld, waarmee de transitie naar en uitvoering van het nieuwe stelsel voor de overige pensioenkringen efficiënt, effectief, beheerst en integer kan plaatsvinden. 

Eind 2025 hebben we voor de Pensioenkringen Ballast Nedam en Douwe Egberts de invaarmelding, voorzien van een compleet invaardossier, gedaan bij DNB. De beoogde overgang naar de SPR-overgang voor deze kringen is 1 oktober 2026. Voor de overige kringen hebben we in 2025 ook het kader Datakwaliteit doorlopen.

In 2025 heeft Stap besloten om de projectovereenkomst met Visma Idella voor de uitvoering van FPR- regeling niet om te zetten in een dienstverleningsovereenkomst. Stap heeft zich eind 2025 georiënteerd op een nieuwe uitvoerder voor de FPR-regeling en heeft begin 2026 TKP gekozen als uitvoerder van de FPR-regelingen van Stap. Hiermee heeft Stap geborgd dat de transitie tijdig, verantwoord en in het belang van alle betrokkenen kan plaatsvinden. 

De werkzaamheden voor de uitvoering van de FPR zijn inmiddels in volle gang en wij kijken met vertrouwen uit naar een tijdige en beheerste uitvoering van de FPR door TKP Pensioen en de transitie daar naartoe.

In 2025 heeft er -waar nodig- verdere afstemming plaatsgevonden met de sociale partners van diverse pensioenkringen over de vormgeving van de nieuwe pensioenregeling en de beoogde transitiedatum. Voor het merendeel van de pensioenkringen heeft Stap inmiddels een transitieplan ontvangen en is de beoogde transitiedatum bekend. 

We kijken qua Wtp terug op uitdagend en succesvol 2025. We hebben met de overgang van Pensioenkring Holland Casino een mooie basis gelegd voor de toekomstige transities en uitvoering van de pensioenregelingen onder de Wtp.

Pensioenkring Contract (Beoogde) Transitiedatum
Holland Casino SPR 01-05-2025
Douwe Egberts SPR 01-10-2026
Ballast Nedam SPR 01-10-2026
Aon Groep Nederland SPR 01-07-2027
Eastman FPR 01-07-2027
SVG SPR 01-07-2027
Astellas FPR 01-07-2027
IFF FPR 01-07-2027
GE Nederland SPR 01-01-2028
TotalEnergies Nederland FPR 01-01-2028
Pensioenkring 2 SPR 01-01-2028

Themamiddagen en informatiebijeenkomsten

Via de Stap Academy organiseert Stap themamiddagen voor het bestuur, bestuursbureau, de leden van de belanghebbendenorganen en de raad van toezicht. De themadagen hebben als doel om bij te dragen aan de permanente educatie.

In 2025 zijn twee themamiddagen voor de belanghebbendenorganen georganiseerd. De eerste themadag op 5 februari 2025 stond in het teken van de werkwijze van het bestuursbureau, de rollen & bevoegdheden van belanghebbendenorganen bij de transitie, de lessons learned Wtp en klantsignalen en (klant) feedback management. Tijdens de tweede themamiddag op 24 september 2025 werd aandacht besteed aan de jaarlijkse bewustwordingssessie over compliance. Daarnaast heeft de voorzitter van het belanghebbendenorgaan van Pensioenkring Holland Casino de ervaringen gedeeld met betrekking tot het traject voor het invaren. Tijdens deze themamiddagen waren vertegenwoordigers van alle belanghebbendenorganen aanwezig, evenals het bestuur, de raad van toezicht en het bestuursbureau.

Beloningsbeleid

Stap voert een beheerst beloningsbeleid. Stap heeft daarbij een afweging gemaakt op basis van de (lange termijn) doelstellingen van Stap, de arbeidsmarkt, de bestuurlijke verantwoordelijkheid, de aan de functies gestelde eisen en het tijdbeslag. Het uitgangspunt van het beloningsbeleid is dat de honorering voldoende aantrekkelijk is om betrouwbare en geschikte bestuurders aan te trekken en dat het tegelijkertijd aansluit bij de maatschappelijk gangbare opvattingen. Hierbij is aansluiting gezocht bij de Wet normering topinkomens. Het beloningsbeleid is van toepassing op de bestuursleden en de leden van de raad van toezicht. De vaststelling van de hoogte van de beloning vindt plaats door het bestuur onder voorbehoud van goedkeuring door de raad van toezicht.

Het beloningsbeleid is in 2025 opnieuw vastgesteld in verband met de jaarlijkse verhoging van de vergoeding voor bestuursleden en de leden van de raad van toezicht. De verhoging is gelijk aan het percentage waarmee de salarisschalen van de medewerkers van Stap worden aangepast. Dit percentage bedroeg 2,5% per 1 januari 2025.

Het beloningsbeleid van Stap is als volgt:

Functie Vergoeding 2025 Vergoeding 2024
Voorzitter bestuur € 126.100 € 123.000
Lid bestuur € 84.000 € 82.000
Voorzitter raad van toezicht € 31.500 € 30.750
Lid raad van toezicht € 21.000 € 20.500

Voor de leden van de belanghebbendenorganen voorziet Stap in een vergoeding die passend is bij de aard en inhoud van de taken van het belanghebbendenorgaan. Voor de hoogte van de vergoeding heeft Stap de SER-norm als leidraad gehanteerd. Stap is voor de vaste vergoeding uitgegaan van 5 dagdelen voor de eigen overlegvergaderingen en 2 dagdelen voor de gezamenlijke vergaderingen met het bestuur. Omdat gedurende het jaar ook andere vergaderingen of activiteiten voor Stap kunnen plaatsvinden, is de vaste vergoeding naar boven afgerond. Stap heeft bewust gekozen voor een vaste taakgerelateerde beloning in plaats van een vergoeding per vergadering. Het bestuur is van mening dat geen van de organen van Stap een incentive in het beloningsbeleid zou moeten hebben die gerelateerd is aan het aantal vergaderingen.

Het beloningsbeleid van de uitbestedingspartners van Stap is onderwerp van het periodiek strategisch overleg dat het bestuur met de uitbestedingspartners voert en het bestuur beoordeelt tevens de uitvoering daarvan. 

Code Pensioenfondsen 2024

Per 1 januari 2024 is de Code Pensioenfondsen 2024 (hierna: de Code) in werking getreden. Met het oog op de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel is de Code aangepast voor de volgende onderwerpen: "centraal stellen van de belanghebbenden", "duurzaamheid" en "diversiteit en inclusie". 

De Code gaat er volgens het principe ‘pas toe of leg uit’ vanuit dat de pensioenfondsen de normen naleven. Dat betekent dat er ruimte is om af te wijken van de normen, mits dit weloverwogen gebeurt. Het bestuur werkt zoveel mogelijk in lijn met de Code.

Het bestuur inventariseert jaarlijks de naleving van de normen van de Code en heeft vastgesteld dat Stap de Code naleeft of niet-naleving uitlegt. In de bijlage van dit jaarverslag is de volledige inventarisatie van de naleving van de Code opgenomen. De Code nodigt pensioenfondsen uit om bij een aantal in de Code genoemde normen jaarlijks te rapporteren over de naleving van die norm. In onderstaande tabel wordt daaraan voldaan door voor deze normen aan te geven of Stap deze toepast en wordt een toelichting gegeven met een verwijzing naar de paragraaf voor de beschrijving in dit jaarverslag. Daarbij wordt opgemerkt dat de normen 28 en 29 die toezien op een verantwoordingsorgaan niet van toepassing zijn op Stap.

Norm Beschrijving norm Leeft Stap na? Toelichting naleving Stap
1 Het pensioenfonds heeft een missie, visie en strategie. Daarin beschrijft het pensioenfonds wat het pensioenfonds wil betekenen en bereiken voor zijn belanghebbenden, rekening houdend met hun voorkeuren en belangen. Op deze wijze bepaalt het pensioenfonds wat zijn strategische doelstellingen en beleidsuitgangspunten, waaronder de risicohouding, zijn. Het pensioenfonds evalueert zijn missie, visie en strategie periodiek en rapporteert hierover in zijn bestuursverslag. Ja Het bestuur geeft in de paragraaf ‘Karakteristieken van Stap’ de missie, visie en strategie van Stap weer. In het hoofdstuk “Verslag van het boekjaar” rapporteert het bestuur over de missie, visie en strategie in 2025.
4 Het pensioenfonds verdiept zich in de voorkeuren van de bij het pensioenfonds betrokken belanghebbenden en betrekt deze voorkeuren bij het bepalen van zijn strategische doelstellingen en beleidsuitgangspunten en gaat daarover met de belanghebbenden in gesprek. Het pensioenfonds rapporteert hierover jaarlijks in het bestuursverslag. Ja Het bestuur geeft in het hoofdstuk “Verslag van het boekjaar” weer op welke wijze het bestuur zich verdiept in de voorkeuren van de bij het pensioenfonds betrokken belanghebbenden en hoe het deze voorkeuren betrekt bij de strategische doelstellingen en beleidsuitgangspunten. Periodiek wordt een risicopreferentieonderzoek uitgevoerd onder deelnemers. De uitkomsten daarvan worden gebruikt voor het vaststellen of herijken van het risicoprofiel van de pensioenkring. In 2026 zal Stap verder invulling geven aan het verkrijgen van inzicht in de deelnemervoorkeuren als het gaat om (duurzaam) beleggen.
34 Het pensioenfonds heeft een schriftelijk beleid vastgesteld om de diversiteit en inclusie in zijn fondsorganen te vergroten of in stand te houden. Dit beleid stelt passende doelen op ten aanzien van de mate van diversiteit op alle voor het pensioenfonds relevante maatschappelijke aspecten, waaronder tenminste geslacht of genderidentiteit, leeftijd en sociaal-culturele achtergrond. Op basis van dit beleid heeft het pensioenfonds een planmatige aanpak gericht op het bereiken van deze doelen. Het bestuur herijkt dit beleid periodiek en rapporteert jaarlijks in het bestuursverslag over de resultaten van dit beleid. Ja Stap heeft diversiteits- en inclusiebeleid om de diversiteit en inclusie in de fondsorganen te vergroten of in stand te houden. Bij de werving en selectie en herbenoeming van leden van de fondsorganen wordt rekening gehouden met het diversiteits- en inclusiebeleid. Het bestuur geeft in de paragrafen ‘bestuur’, ‘bestuursbureau’, ‘raad van toezicht’ en ‘geschiktheidsbevordering en bestuurlijke effectiviteit’ een toelichting op de samenstelling van fondsorganen en de geschiktheid van de leden, alsmede de zelfevaluatie.
35 Ten aanzien van leeftijdsdiversiteit geldt als minimum dat er tenminste één persoon zitting heeft in het bestuur en het verantwoordingsorgaan of het belanghebbendenorgaan die jonger is dan 40 jaar. Ten aanzien van genderdiversiteit geldt als minimum dat er in de genoemde organen variatie is in geslacht of genderidentiteit. Ja, legt uit Stap ziet diversiteit niet sec als gender- of leeftijdsdiversiteit, maar streeft naar diversiteit gebaseerd op onder meer: kennis, ervaring, achtergrond en persoonlijkheid. Het onderscheid in gender en leeftijd is daarin een factor. Dit is ook als zodanig vastgelegd in het diversiteits- en inclusiebeleid.

Geschiktheidsbevordering en bestuurlijke effectiviteit

Het bestuur van Stap heeft sinds 1 januari 2026 met de komst van Jeroen de Munnik als nieuwe voorzitter een nieuwe samenstelling. Op 21 januari 2026 heeft het bestuur het eigen functioneren besproken over 2025 en de onderlinge rol- en taakverdeling besproken. Op 18 maart 2026 heeft het bestuur de werkwijze in de nieuwe samenstelling geëvalueerd.  Het bestuur heeft geconcludeerd dat het voldoende deskundig, competent en professioneel is en dat de nieuwe rol- en taakverdeling goed functioneert. Het team is complementair en er is sprake van een constructieve samenwerking met ruimte voor dialoog.

De raad van toezicht heeft in maart 2025 een zelfevaluatie over 2024 uitgevoerd onder begeleiding van een extern bureau. Hier wordt in het verslag van de raad van toezicht op ingegaan. De belanghebbendenorganen van de pensioenkringen hebben in de eerste helft van 2026 een zelfevaluatie uitgevoerd. In het verslag van de verschillende belanghebbendenorganen wordt hierop ingegaan.

Wet- en regelgeving

Het bestuur volgt de ontwikkelingen in wet- en regelgeving nauwgezet. Het bestuur analyseert de voor de pensioenkringen relevante wijzigingen en bespreekt de opvolging daarvan in de bestuursvergaderingen.

Naast diverse andere wet- en regelgeving heeft het bestuur gedurende 2025 aandacht besteed aan de volgende wet- en regelgeving (niet limitatief):

  • Wet toekomst pensioenen, met onder meer keuzebegeleiding, transitiecommunicatie en evenwichtige belangenafweging
  • Wet digitale overheid (Wdo)
  • Digital Operational Resilience Act (DORA)
  • Gedragsregel goed omgaan met klachten
  • Sustainable Finance Disclosure Regulation (SFDR)
  • ontwikkelingen inzake sanctiewet- en regelgeving

Voor zowel Stap als haar pensioenkringen heeft het bestuur invulling gegeven aan de ontwikkelingen en mogelijke gevolgen van deze wet- en regelgeving. DORA is op 17 januari 2025 in werking getreden. Stap voldeed op die datum aan de DORA-vereisten, maar moest de contractuele vastlegging van deze vereisten met een aantal niet-kritieke ICT-dienstverleners nog afronden. Deze werkzaamheden zijn in het eerste kwartaal van 2025 afgerond, een en ander in afstemming met DNB als toezichthouder op DORA.

Gedragscode

Stap heeft een gedragscode die betrekking heeft op:

  • vertrouwelijkheid van gegevens
  • relatiegeschenken
  • nevenfuncties
  • melding van belangenconflicten
  • omgang met koersgevoelige informatie
  • uitingen in de publiciteit waaronder sociale media

De gedragscode, gebaseerd op de modelgedragscode die is uitgevaardigd door de Pensioenfederatie, is van toepassing op alle bestuursleden, de leden van de belanghebbendenorganen, de leden van de raad van toezicht en de medewerkers van het bestuursbureau. De Compliance Officer ziet toe op de naleving van deze gedragscode.

De Compliance Officer doet in dit kader een jaarlijkse uitvraag onder alle verbonden personen van Stap inzake de naleving van de gedragscode. In de compliance rapportage van de compliance officer over 2025 is opgenomen dat de jaarlijkse uitvraag over de naleving van de gedragscode door de verbonden personen is ingevuld en dat:

  • de meldingen die de verbonden personen in 2025 aan de compliance officer hebben voorgelegd conform de gedragscode door de compliance officer beoordeeld, opgevolgd en geregistreerd zijn
  • de compliance officer heeft geconstateerd dat de compliance documenten actueel zijn
  • er geen meldingen zijn geweest en/of signalen zijn ontvangen met betrekking tot fraude

Klachten en beroepschriften

Stap heeft een klachtenregeling en is sinds eind 2023 aangesloten bij de Geschilleninstantie Pensioenfondsen (GIP). De klachtenregeling is in 2025 geactualiseerd, zodat er een goede aansluiting is op het klachtenbeleid van Stap. De klachtenregeling is beschikbaar op de website van Stap. Klachten en bezwaren kunnen door belanghebbenden schriftelijk of via een e-mail worden gemeld bij Stap. Wanneer een belanghebbende over de afhandeling niet tevreden is, kan vervolgens een geschil worden voorgelegd aan de GIP. Indien het geschil niet aan de GIP kan worden voorgelegd, kan beroep worden ingediend bij de geschillencommissie van Stap. In de pensioenparagraaf van de pensioenkringen wordt nader ingegaan op de klachten die in 2025 zijn ingediend.

Klokkenluidersregeling

Onregelmatigheden die binnen Stap, zijn organen of bij uitbestedingspartners worden gesignaleerd, kunnen worden gerapporteerd aan de contactpersoon op grond van de klokkenluidersregeling van Stap. In de regeling is opgenomen dat de melding gedaan kan worden bij de voorzitter van het bestuur of de voorzitter van de raad van toezicht indien de melding betrekking heeft op het bestuur. Wanneer de klokkenluider om moverende redenen geen melding wil doen bij de genoemde functionarissen, kan de melding worden gedaan bij de Compliance Officer. De melder kan er ook voor kiezen de melding te doen aan een externe autoriteit. In 2025 zijn geen onregelmatigheden gemeld.

Incidentenregeling

Stap streeft ernaar een betrouwbare, transparante en lerende organisatie te zijn. Daarbij past een cultuur waarin betrokkenen incidenten en operationele fouten kunnen melden en waarin helder is hoe met deze meldingen wordt omgegaan.

Het doel van de incidentenregeling is het voorkomen van schade aan de beheerste en integere bedrijfsvoering en goede naam van Stap en het beperken van mogelijke gevolgschade. Daarnaast wil Stap leren van incidenten en operationele fouten om herhaling te voorkomen. De incidentenregeling is in 2024 geëvalueerd, aangepast en door het bestuur van Stap opnieuw vastgesteld. Evaluatie vindt ten minste eens per drie jaar plaats zodat de volgende evaluatie uiterlijk in 2027 plaatsvindt. 

In 2025 hebben zich 2 incidenten voorgedaan die bij één van de toezichthouders gemeld zijn. Deze incidenten zijn inmiddels opgelost. Ook hebben zich enkele operationele incidenten voorgedaan. Om te waarborgen dat het melden en opvolgen van incidenten transparant en tijdig plaatsvindt, vindt regelmatig afstemming plaats met de uitbestedingspartners over het incidentmanagement. Incidenten worden geregistreerd in het risicomanagementsysteem en dit geldt ook voor de afhandeling daarvan. 

Gedragslijn Verwerking Persoonsgegevens Pensioenfondsen

In 2019 heeft de Pensioenfederatie samen met haar leden de Gedragslijn Verwerking Persoonsgegevens Pensioenfondsen (Gedragslijn) vastgesteld. Deze Gedragslijn beschrijft hoe de pensioensector persoonsgegevens verwerkt. Deze Gedragslijn stemt overeen met bepalingen uit de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en wordt periodiek getoetst op wijzigingen in de Uitvoeringswet AVG. De Gedragslijn geeft geen nieuwe regels, maar is vooral een verduidelijking van de manier waarop pensioenuitvoerders om moeten gaan met de persoonsgegevens die zij verwerken.

De Gedragslijn heeft een bindend karakter voor pensioenfondsen die - net als Stap - lid zijn van de Pensioenfederatie. De Gedragslijn trad in werking op 1 juli 2019 en sinds 1 januari 2020 hebben pensioenfondsen jaarlijks gerapporteerd over de naleving van de Gedragslijn. Per 1 januari 2023 is de Gedragslijn geactualiseerd. De doorgevoerde tekstuele en inhoudelijke wijzigingen hebben met name betrekking op het concreter maken van voorbeelden en het verwerken van uitspraken en beleidsregels van de Autoriteit Persoonsgegevens en de Europese toezichthouder. Sinds 1 januari 2023 rapporteren pensioenfondsen jaarlijks over de naleving van de geactualiseerde Gedragslijn. 

Stap heeft geconstateerd dat de dienstverlening van Stap en de uitbestedingspartners van Stap over boekjaar 2025 voldoet aan de AVG-wetgeving en dat de uitvoering in overeenstemming is met de Gedragslijn. Om aan de AVG-wetgeving te voldoen en de naleving van de Gedragslijn te realiseren, heeft Stap onder andere een privacybeleid met een privacy statement opgesteld en verwerkingsregisters en een toestemmingsregister ingericht. Periodiek wordt door de Privacy Officer van Stap beoordeeld of de (beleids)documenten nog aan de AVG-wetgeving en de Gedragslijn voldoen.

De uitbestedingspartner voor de pensioenadministratie TKP heeft een Privacy Control Framework (PCF) geïmplementeerd en laat hierop jaarlijks een privacy audit uitvoeren. De meest recente privacy audit is uitgevoerd voor de periode van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2025. 

Communicatie met De Nederlandsche Bank (DNB)

Het bestuur en het bestuursbureau hebben in 2025 contact gehad met DNB over het reguliere toezicht met de bijbehorende uitvragen, het invaardossier voor Pensioenkring Holland Casino en de invaardossiers voor een aantal andere pensioenkringen. Daarnaast heeft contact met DNB plaatsgevonden over de implementatie van DORA en het informatieregister dat bij DNB is ingediend alsmede over de pensioenuitvoeringsorganisatie voor de FPR-regelingen onder de Wet toekomst pensioenen.

Regulier toezicht

Voor het reguliere toezicht heeft Stap de uitvragen van DNB naar de Wet toekomst pensioenen en naar de (niet-)financiële risico’s, inclusief informatiebeveiliging, tijdig ingediend. Uit deze reguliere uitvragen zijn geen punten voor nadere opvolging voortgekomen.

In 2025 zijn geen dwangsommen of boetes aan Stap opgelegd. Er zijn door DNB geen aanwijzingen aan Stap gegeven, noch is een bewindvoerder aangesteld of is bevoegdheidsuitoefening van organen van Stap gebonden aan toestemming van DNB.

Transitie pensioenkringen naar de Wtp

Stap heeft op 17 maart 2025 de beschikking van DNB ontvangen om de transitie voor Pensioenkring Holland Casino per 1 mei 2025 uit te voeren. Daarnaast heeft Stap op 1 december 2025 de invaardossiers van Pensioenkring Ballast Nedam en Pensioenkring Douwe Egberts ingediend. Op dit moment is Stap hierover verder in gesprek met DNB om tot een beschikking te komen.

Communicatie met Autoriteit Financiële Markten (AFM)

In 2025 heeft er meermaals contact plaatsgevonden met de AFM over de reguliere uitvragen als ook over de transitie van Pensioenkring Holland Casino inzake het communicatieplan en de transitiecommunicatie. Daarnaast heeft Stap een tweetal incidenten bij de AFM gemeld die inmiddels zijn afgehandeld. Tot slot heeft de AFM bij Stap een uitvraag gedaan inzake de transitiecommunicatie en een uitvraag inzake keuzebegeleiding. De afhandeling van deze uitvragen heeft begin 2026 plaatsgevonden.

Reguliere uitvragen

Opnieuw is een sectorbrede uitvraag gedaan voor de Toezichtrapportage tweedepijlerpensioen met het verzoek informatie te rapporteren over de tweedepijlerpensioenen die Stap in 2024 in portefeuille had. Stap heeft deze informatie in augustus 2025 aangeleverd en hieruit zijn geen punten voor nadere opvolging voortgekomen.

Transitie Pensioenkring Holland Casino

Stap heeft op meerdere momenten in het jaar actief contact gezocht met de AFM om te overleggen over bepaalde vraagstukken rondom de communicatie over de transitie van Pensioenkring Holland Casino, zowel over de transitiecommunicatie voorafgaande aan de transitie als de transitiecommunicatie achteraf. Suggesties en mogelijkheden tot verbetering die de AFM heeft gegeven, zijn door Stap opgepakt in samenwerking met TKP als pensioenuitvoeringsorganisatie die een belangrijke rol heeft bij het verzorgen van de communicatie aan de deelnemers. Ook voor lopende en aankomende transities wordt rekening gehouden met deze suggesties en aanscherpingen. 

1.4 Integraal Risicomanagement

In het kader van een beheerste en integere bedrijfsvoering werkt Stap voor het Integraal Risicomanagement (IRM) volgens het "Three Lines Model" en heeft daarvoor een IRM-raamwerk opgezet. Zowel de risico’s op het niveau van de verschillende pensioenkringen als op het niveau van Stap worden met dit raamwerk gemonitord, beoordeeld en gemanaged.

Risico governance

De uitvoering van IRM is geborgd in de governancestructuur van Stap. IRM is binnen Stap een organisatie breed onderwerp. In de opzet en werking van de governance heeft Stap passende structuren en processen ingericht om het risicomanagementproces maximaal te integreren in de bestuurlijke besluitvormingsprocessen en de uitvoering ervan en de risicobeheersing te optimaliseren.

Stap hanteert voor haar risicogovernance onderstaande indeling conform het ‘Three Lines Model’.

Volgens dit model bestaat de operationele verantwoordelijkheid van de 1e en 2e lijn, onder eindverantwoordelijkheid van het bestuur, uit het realiseren van de doelstellingen van Stap. In het model zijn tevens de in het kader van IORP II vereiste sleutelfuncties opgenomen.

Volgens dit model is de 1e lijn (het bestuursbureau) verantwoordelijk voor het identificeren en managen van risico’s die voorkomen bij de uitvoering van de dagelijkse processen van Stap. De 2e lijn (de risicobeheerfunctie, de compliancefunctie en de actuariële functie) monitort of de 1e lijn haar verantwoordelijkheid neemt en of de risico’s adequaat worden gemanaged. Daar waar nodig geeft de 2e lijn ook advies over mogelijke verbeteringen en verleent de 2e lijn assistentie door expertise, ondersteuning en een kritische blik bij risico gerelateerde zaken. De 3e lijn (de interne auditfunctie) heeft een controlerende functie en geeft onafhankelijke en objectieve assurance en adviezen over de toereikendheid en effectiviteit van governance en risicomanagement. Dit wordt bereikt door het deskundig toepassen van systematische en gedisciplineerde processen, (onafhankelijke) expertise en inzichten.

IRM-raamwerk

Het IRM-raamwerk van Stap is onder andere gebaseerd op het COSO ERM-model en het referentiekader van DNB voor IRM. Het IRM-raamwerk van Stap maakt een onderscheid tussen de definities van de risicocategorieën op het niveau van Stap als instelling en op het niveau van de pensioenkringen. Het IRM-raamwerk is erop gericht het risicomanagementproces maximaal te integreren in de bestuurlijke besluitvormingsprocessen en de uitvoering ervan en de risicobeheersing te optimaliseren. Het Risicomanagementbeleid van Stap is in 2025 geëvalueerd en door het bestuur opnieuw vastgesteld.

Risicocategorieën

In het IRM- raamwerk onderkent Stap de volgende risicoclusters: strategische risico’s, financiële risico’s, operationele risico’s en compliance risico’s. Stap heeft op grond van het specifieke karakter van een algemeen pensioenfonds additionele risicocategorieën toegevoegd, te weten: strategierisico, propositierisico, solvabiliteitsrisico, governancerisico, werkgeversrisico en liquiditeitsrisico.

Onderstaande tabel geeft een overzicht van de risicostructuur die Stap hanteert. Hierbij is tevens inzichtelijk gemaakt op welk niveau de risicocategorieën betrekking hebben: op het niveau van Stap, de pensioenkringen of beiden.

Risicocluster Risicocategorie Niveau
Strategische risico’s Strategie Stap
  Propositie Stap
  Omgeving Stap en pensioenkringen
Financiële risico’s Solvabiliteit Pensioenkringen
  Matchings-/Rente Stap en pensioenkringen
  Markt Pensioenkringen
  Krediet Stap en pensioenkringen
  Liquiditeit Stap en pensioenkringen
  Verzekeringstechnisch Pensioenkringen
  ESG-risico Stap en pensioenkringen
Operationele risico’s Operationeel Stap
  Uitbesteding Stap en pensioenkringen
  IT Stap en pensioenkringen
  Governance Stap en pensioenkringen
  Werkgever Stap
Compliance risico’s Juridisch Stap en pensioenkringen
  Integriteit Stap en pensioenkringen

Stap onderscheidt enkele risicocategorieën op zowel instellingsniveau als het niveau van de pensioenkringen. De duiding van betreffende risicocategorieën kan echter per niveau verschillen.

In 2025 is de jaarlijkse risk self assessment uitgevoerd voor deze risico’s. De actiepunten die daaruit volgden worden onderdeel van het risicobeheerplan voor 2026. De resultaten daarvan worden opgenomen in het algemene risk self assessment dat in 2026 uitgevoerd wordt en in een geactualiseerde versie van het risicomanagementbeleid van Stap.

Risico- en controlecyclus

Het IRM-raamwerk wordt geborgd in de reguliere risico- en controlecyclus van Stap. Deze cyclus omvat onder andere de periodieke identificatie en analyse van de belangrijkste risico’s (jaarlijkse risk self assessments), het vaststellen en implementeren van de benodigde beheersmaatregelen, de rapportage over de risico's (identificatie, beoordeling) en het beheersen van de risico’s, het monitoren van de effectiviteit van de beheersmaatregelen en de mogelijke aanpassing daarvan.

In de risicomanagementrapportages wordt elk kwartaal aan de hand van bovenstaande risicotaxonomie gerapporteerd aan het bestuur over het over overkoepelende risicoprofiel van Stap en de pensioenkringen, de afzonderlijke risico’s en het beheersen daarvan. Daarbij worden de risico’s in onderlinge samenhang beschouwd. De rapportages worden tevens ter informatie aan de belanghebbendenorganen van de pensioenkringen en de raad van toezicht verstrekt.

Doelstellingen

Stap heeft financiële en niet-financiële doelstellingen gedefinieerd die passen bij haar missie en visie. Deze doelstellingen worden binnen Stap onderscheiden naar doelstellingen op het niveau van Stap als instelling en naar doelstellingen op het niveau van de pensioenkringen. In onderstaande tabel worden deze doelstellingen weergegeven.

Risicobereidheid

Het bestuur heeft de risicobereidheid voor Stap en haar pensioenkringen vastgesteld als onderdeel van de risico- en controlecyclus. De risicobereidheid is de mate waarin het bestuur bereid is risico's te nemen om de doelstellingen van Stap en haar pensioenkringen te kunnen realiseren.

Hieronder wordt de risicobereidheid voor de doelstellingen op het niveau van Stap weergegeven. De totale risicohouding van Stap is te omschrijven als risicoavers. De risicobereidheid voor de doelstellingen op het niveau van de pensioenkringen is vastgesteld in dialoog met de belanghebbendenorganen. Deze is opgenomen in de risicoparagraaf van de betreffende pensioenkring.

Doelstellingen niveau Stap Doelstellingen niveau pensioenkring
Marktbenadering gericht op beheerste groei

Financiële
doelstelling
Verantwoorde pensioenopbouw Financiële
doelstelling
Beheerste bedrijfsvoering gericht op toekomstbestendigheid

Niet-financiële
doelstelling
Verstrekken van de nominale pensioenaanspraken Financiële
doelstelling
Integere bedrijfsvoering Niet-financiële
doelstelling
Streven naar waardevast houden van pensioenrechten Financiële
doelstelling

Maatschappelijk verantwoord beleggen passend bij de aard van de instelling

(Niet-) financiële
doelstelling
Adequate communicatie Niet-financiële
doelstelling

Risico-inschatting en risicobeheersing

Het bestuur identificeert en beoordeelt de risico's op een gestructureerde wijze met een jaarlijkse risk self assessment (RSA). De geïdentificeerde risico's worden door het bestuur kwalitatief beoordeeld voor de kans dat deze risico’s zich manifesteren, alsmede voor de impact die deze risico’s hebben op het behalen van de doelstellingen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt naar het bruto risico, het netto risico en de risico reactie. Zo wordt er inzicht verkregen in de risico's die Stap loopt, welke beheersmaatregelen zijn genomen en de effectiviteit daarvan, evenals in de beheersmaatregelen die nog genomen moeten worden of gewenst zijn.

Het jaarlijkse RSA heeft eind 2025 plaatsgevonden op het niveau van Stap en op het niveau van de pensioenkringen. De RSA betreft alle risico´s die Stap onderscheidt. Daarin zijn ook de belangrijkste aandachtspunten uit de Systematische Integriteitrisicoanalyse (SIRA), het RSA voor Informatiebeveiliging (RSA IB) en het RSA op de implementatie van de Wet toekomst pensioen (RSA Wtp) opgenomen. De uitkomst van de RSA dient tevens als input voor de Eigen Risico Beoordeling (ERB).

Doelstellingen niveau Stap Risicobereidheid Stap
Marktbenadering gericht op beheerste groei Stap blijft binnen de grenzen van de actuele businesscase (ter borging van toekomstbestendigheid) en de bijbehorende ‘beliefs’ op basis van ‘uitlegbaarheid’.

Beheerste bedrijfsvoering gericht op toekomstbestendigheid De bedrijfsvoering wordt juist, volledig en tijdig uitgevoerd en is in lijn met wet- en regelgeving en de interne standaarden van Stap. Er vinden geen operationele verstoringen plaats die de continuïteit en kwaliteit van de dienstverlening voor Pensioenkringen bedreigen.

Integere bedrijfsvoering Er zijn geen overtredingen op het gebied van wet- en regelgeving, zowel intern als extern, toegestaan.

Maatschappelijk verantwoord beleggen passend bij de aard van de instelling en de Pensioenkringen

Beleggingen moeten passend zijn binnen het actuele en overkoepelende ESG-beleid van Stap.

Ontwikkelingen risicomanagement in 2025

Belangrijke ontwikkelingen in 2025 waar in het kader van risicomanagement expliciet en blijvend aandacht aan is besteed, betreffen (niet limitatief): de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel, informatiebeveiliging en cyberrisico, datakwaliteit, de geopolitieke ontwikkelingen, de propositie en beheerste groei van Stap, maatschappelijk verantwoord beleggen, relevante wet- en regelgeving en de ontwikkelingen op de financiële markten.

In 2025 heeft Stap verdere stappen gezet voor het verder professionaliseren en aantoonbaar maken van het risicomanagement. Om dat te bereiken heeft Stap de risicomanagementtool Cerrix verder ingericht. Nadat in 2024 is begonnen met het testen van de werking van de kritieke beheersmaatregelen en ook de lijst met kritische risico indicatoren (KRI’s) in Cerrix is opgenomen, zijn in 2025 de verbetermaatregelen opgenomen in de risicomanagementtool. Ook is in 2025 de registratie en opvolging van incidenten in Cerrix opgenomen.  

Eigenrisicobeoordeling

In 2024 is de 3-jaarlijkse ERB uitgevoerd. De ERB is een instrument voor een pensioenfonds om inzicht te krijgen in de samenhang tussen de strategie van het pensioenfonds, de materiële risico’s die het pensioenfonds kunnen bedreigen, de mogelijke consequenties hiervan voor de financiële positie van het pensioenfonds en de pensioenrechten van pensioengerechtigden en pensioenaanspraken van (gewezen) deelnemers. De ERB geeft tevens inzicht in de effectiviteit van het risicobeheer inclusief de (feitelijke) beheersmaatregelen en de doelmatigheid daarvan. Ten opzichte van een RSA heeft een ERB een iets meer strategisch karakter.

Om een compleet beeld te krijgen van de meest relevante risico’s voor Stap en de pensioenkringen is de ERB op basis van de risicoclusters van Stap, de strategische doelstellingen en de uitkomsten van de RSA’s, onderverdeeld naar de volgende gebieden en daarbij behorende hoofdscenario’s:

  • economisch: de financiële doelstellingen van het pensioenfonds worden op de lange termijn niet gehaald door externe invloeden (geopolitiek, demografisch en klimaatverandering)
  • ontwikkeling pensioensysteem: het risico dat Stap zich onvoldoende heeft voorbereid op de veranderende rol van pensioenfondsen als gevolg van de transitie naar het nieuwe pensioenstelstel
  • opkomende risico’s: doelstellingen van het pensioenfonds worden op de lange termijn niet gehaald doordat maatschappij en politiek druk uitoefenen op het pensioenfonds bij de inrichting van de beleggingsportefeuille
  • ontwikkelingen pensioenkringen: de omvang van Stap blijft achter bij de lange termijn verwachtingen (deelnemers, assets under management)
  • strategische uitbestedingspartners: het pensioenfonds wordt gedwongen om op korte termijn afscheid van haar uitbestedingspartners te nemen

Naar aanleiding van de bestuurlijke behandelingen zijn diverse verbetermaatregelen gedefinieerd die de risico’s die horen bij bovenstaande scenario’s verder beheersen. Deze verbetermaatregelen worden opgenomen in en bestuurt via de risicomanagementtool Cerrix. De laatste verbetermaatregelen afkomstig uit deze ERB worden naar verwachting in de eerste helft van 2026 afgerond.

Belangrijkste niet-financiële risico’s voor Stap

Stap heeft als algemeen pensioenfonds een eigen bedrijfsvoering en loopt daar strategische, operationele en compliancerisico’s. Het bestuur heeft de belangrijkste risico’s voor de bedrijfsvoering van Stap als instelling vastgesteld. Deze worden hierna toegelicht. De belangrijkste risico’s voor de pensioenkringen zijn toegelicht in de risicoparagraaf van de betreffende pensioenkring.

Strategierisico

Er worden hoge eisen gesteld aan het verandervermogen van alle schakels in de pensioenketen van Stap door verschillende ontwikkelingen, waaronder de transitie naar en implementatie van de Wet toekomst pensioenen. Hiervoor is door het bestuur het strategisch risico onderkend dat de organisatie van Stap en haar strategische uitbestedingspartners binnen de gestelde termijnen mogelijk onvoldoende wendbaar kunnen zijn om adequaat in te spelen op kansen en ontwikkelingen in de markt en op veranderingen in wet-en regelgeving (zowel op nationaal als op Europees niveau).

De (voorbereiding op de) implementatie van de Wet toekomst pensioenen is voor Stap strategisch gezien zeer belangrijk. Stap heeft hiervoor een apart programma opgezet en ook bij de uitbestedingspartners van Stap lopen omvangrijke programma’s voor de implementatie. Kern van het risicomanagement rondom de transitie is het verkrijgen van inzicht in de factoren die het succes van de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel bepalen.

Om het strategie risico te mitigeren zijn onder andere de volgende beheersmaatregelen ingeregeld: 

  • het bestuur volgt de ontwikkelingen in de pensioensector en de relevante wet- en regelgeving.
  • het strategisch plan wordt periodiek door het bestuur geëvalueerd en daarbij wordt tevens aandacht geschonken aan de wendbaarheid van de organisatie van Stap zelf
  • Stap voert periodiek een risicoanalyse uit voor de Wet toekomst pensioenen en monitort de daarbij geformuleerde beheersmaatregelen
  • voor de Wet toekomst pensioenen heeft Stap een apart programma ingericht waardoor wordt voorzien in de tijdige betrokkenheid van alle stakeholders. Voor dit programma is tijdelijk een extra commissie, de ccWtp, ingericht die wekelijks vergadert en is een programmadirecteur aangesteld. Ook is er extra (tijdelijke) capaciteit op het bestuursbureau beschikbaar. Tot slot kan Stap ook een beroep doen op capaciteit bij de externe adviseurs. Hiermee wordt het risico dat Stap niet tijdig gereed is om de pensioenregelingen binnen de nieuwe kaders uit te voeren beheerst
  • bij het ontwikkelen van de proposities voor Wtp wordt op regelmatige wijze contact gezocht met adviseurs – en soms pensioenfondsen – om te toetsen of de opzet en inrichting van de nieuwe (Wtp) proposities in voldoende mate aansluit bij de behoeftes die vanuit de markt worden aangedragen. De proposities worden tevens getoetst aan de ontwikkelingen in de wetgeving en de inzichten die vanuit DNB en adviseurs worden ontvangen. Door een actieve dialoog met deze stakeholders wordt de propositie, binnen de kaders die Stap hanteert, steeds in meer detail ontwikkeld
  • de uitbestedingsovereenkomst en de SLA met de strategische uitbestedingspartners worden periodiek door Stap geëvalueerd
  • in het periodiek strategisch overleg met de strategische uitbestedingspartners wordt het verandervermogen geagendeerd en besproken
  • de voortgang in de verandertrajecten bij de strategische uitbestedingspartners wordt gemonitord via het beoordelen van voortgangsrapportages, het periodiek bespreken van de voortgang met betrokkenen en deelname aan de raad van advies van TKP
  • het volgen van de governance van Stap en het zorgvuldig vastleggen van de besluitvorming

Propositierisico

Met de komst van Pensioenkring IFF per 1 oktober 2025 heeft Stap eind 2025 11 pensioenkringen.

Mede dankzij deze toetreding blijft Stap zich op een beheerste manier ontwikkelen. Met het oog op de ingrijpende wijzigingen die de Wet toekomst pensioenen met zich meebrengt, is het propositierisico een belangrijk te monitoren risico. Stap moet tijdig klaar zijn voor de transitie naar en implementatie van de Wet toekomst pensioenen om oplossingen te kunnen bieden voor het nieuwe pensioenstelsel en daarnaast pensioenaanspraken uit het verleden te kunnen waarborgen.

Het uitstellen van de inwerkingtreding van de Wet toekomst pensioenen heeft voor veel pensioenfondsen geleid tot het uitstellen van het besluit over hun eigen toekomst. Stap speelt daar op in door oplossingen in de volle breedte, dus onder FTK en onder de Wet toekomst pensioenen aan te bieden.

Indien de propositie van Stap onvoldoende aansluit op de markt of door externe ontwikkelingen wordt beïnvloed, bestaat de mogelijkheid dat Stap haar groeidoelstellingen niet of niet tijdig realiseert.

De volgende beheersmaatregelen zijn onderkend om dit risico te mitigeren:

  • de opzet en inrichting binnen Stap van een actieve marketing- en salesfunctie gericht op beheerste groei
  • een jaarlijkse evaluatie hiervan aan de hand van een concurrentieonderzoek
  • het periodiek monitoren en indien nodig herijken van de propositie van Stap
  • het aanbieden van een volledig en compleet assortiment aan mogelijke oplossingen voor (een combinatie van) alle contractvormen, zoals FTK, SPR, FPR en verzekerde regelingen. Daarmee kunnen pensioenfondsen tijdig en zonder onnodige tijdsdruk, samen met hun sociale partners aan hun besluitvorming werken.
  • voor de transitie naar de Wet toekomst pensioenen is capaciteit ingekocht bij de uitbestedingspartners, waardoor een gegarandeerde plek voor de transitie van nieuwe toetredende pensioenfondsen beschikbaar is
  • het agenderen, monitoren en evalueren van offertetrajecten
  • de periodieke evaluatie van het toetredingsbeleid en customer journey’s

Omgevingsrisico

De pensioenkringen van Stap zijn, net als de hele pensioensector, onderhevig aan diverse ontwikkelingen, zoals de rente- en inflatieontwikkelingen, de volatiliteit op de financiële markten, de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel, de overgang naar een CO₂ neutrale samenleving en overige nieuwe (Europese) wet- en regelgeving. Als omgevingsrisico is dan ook het risico van het niet tijdig of adequaat inspelen op van buiten Stap komende veranderingen op het gebied van reputatie en ondernemingsklimaat geïdentificeerd.

Met de oprichting en inrichting van Stap is reeds beoogd in te spelen op (toekomstige) ontwikkelingen in de pensioensector. Door het, in afstemming met de strategische partners, voortdurend monitoren van de ontwikkelingen in de pensioensector en financiële markten en het hierop inspelen in de uitvoering van het beleid, acht Stap het netto risico voldoende beheerst. Het bestuur zorgt daarbij voor een adequate en tijdige communicatie naar de deelnemers, belanghebbendenorganen en andere stakeholders van Stap.

Duurzaamheidsrisico

Stap heeft onderkend dat risico’s op het gebied van environment (milieu), social (mens en maatschappij) en governance (behoorlijk bestuur) invloed hebben op de waarde van de beleggingen van de pensioenkringen van Stap (financieel risico). En daarnaast dat het risico van ‘greenwashing’ (waarbij beleggingen minder duurzaam blijken te zijn dan beweerd wordt) een belangrijke bron van reputatierisico vormt.

Het duurzaamheidsrisico zoals gedefinieerd in de Sustainable Finance Disclosure Regulation (SFDR), betreft een gebeurtenis of omstandigheid op ecologisch, sociaal of governance gebied die, indien deze zich voordoet, een werkelijk of mogelijk wezenlijk negatief effect op de waarde van de belegging kan veroorzaken. Daarnaast raken de ESG-risico's ook de andere risicoclusters (strategische, operationele en compliancerisico's).

Stap belegt voor de lange termijn. Daarom is het essentieel om op toekomstige ontwikkelingen te anticiperen om de belangen van pensioengerechtigden te waarborgen. Vanuit deze overtuiging wordt ernaar gestreefd om, met het MVB-beleid, de beleggingsportefeuille toekomstbestendig te houden en significante financiële-en niet-financiële duurzaamheidsrisico’s op het gebied van milieu, mensenrechten, arbeidsomstandigheden of corruptie tijdig te identificeren en te mitigeren. In het MVB-beleid van Stap is beschreven welke maatregelen zijn getroffen om de duurzaamheidsrisico’s te beheersen. Gezien de omvangrijke agenda op het gebied van duurzaamheid heeft Stap de werkgroep MVB ingericht. Binnen de werkgroep wordt het MVB-beleid en de uitvoering daarvan kritisch beschouwd en in worden voorstellen gedaan voor de beleggingsadviescommissie. Daarmee draagt de werkgroep niet alleen bij aan de beleidsontwikkeling binnen Stap, maar ook aan het compliant zijn op het gebied van actuele wet- en regelgeving voor duurzaamheidsvereisten.

Operationeel risico

Met de invoering van de Wet toekomst pensioenen staan Nederlandse pensioenfondsen voor de grootste pensioenhervorming ooit. De voorbereidingen hiervoor leggen bij Stap een groot beslag op de agenda van het bestuur en het bestuursbureau. Voor de waarborging van een adequaat besluitvormingsproces is de beheersbaarheid van de bedrijfsvoering voor het bestuur, het bestuursbureau en de belanghebbendenorganen essentieel. In 2025 zijn hiervoor verdere maatregelen getroffen, waaronder het inhuren van externe ondersteuning op het bestuursbureau ten behoeve van (met name) de implementatie van Wtp.

Uitbestedingsrisico

Onder het uitbestedingsrisico voor de pensioenkringen verstaat Stap het risico dat de continuïteit, integriteit en/of kwaliteit van de aan derden uitbestede werkzaamheden of door derden ter beschikking gestelde apparatuur en personeel wordt geschaad.

Voor de beheersing van het uitbestedingsrisico heeft Stap onder andere de volgende beheersmaatregelen getroffen:

  • Stap  beschikt  over  marktconforme  uitbestedingsovereenkomsten  met  al  haar
    uitbestedingspartners, die voldoen aan de wettelijke regels op het gebied van uitbesteding
  • de afspraken omtrent de uitbestede werkzaamheden en informatieverschaffing zijn contractueel vastgelegd in een Service Level Agreement met bijbehorende kritische performance-indicatoren
  • Stap ontvangt en beoordeelt periodieke rapportages van haar strategische uitbestedingspartners (maand-, kwartaal-, SLA- en risicorapportages), die in de bestuursadviescommissies en bestuursvergaderingen worden besproken
  • Stap vormt een oordeel over de kwaliteit van de interne beheersing bij de uitbestedingspartners en over de maatregelen die de uitbestedingspartners nemen om de kwaliteit te verbeteren op basis van extern gecertificeerde ISAE 3402-type II-verklaringen en aanvullende assurance verklaringen
  • Stap voert periodiek strategisch overleg met de uitbestedingspartners en monitort, mede met het oog op de transitie naar de Wet toekomst pensioenen, het verandermanagement van de uitbestedingspartners. Specifiek voor de implementatie van de Wet toekomst pensioenen ontvangt Stap van TKP per maand een voortgangsrapportage als, per kwartaal, een risicorapportage

Zowel operationeel- als uitbestedingsrisico

De eventuele gevolgen van de geopolitieke ontwikkelingen voor de pensioenkringen en Stap werden ook in 2025 op de voet gevolgd. Naast het monitoren van de financiële posities van de pensioenkringen en de ontwikkelingen op de financiële markten, werd de impact op de bedrijfsvoering gemonitord. Hierover werd Stap ook periodiek geïnformeerd door de uitbestedingspartners. Van belang hierbij waren onder meer de naleving van de sanctiewetgeving, de verhoogde dijkbewaking in het kader van cybersecurity en de voortdurende toetsing van de Business Continuity Plannen van de uitbestedingspartners aan bestaande en nieuwe zich ontwikkelende scenario's voor bedrijfsonderbreking.

IT-risico

De beschikbaarheid en beveiliging van IT-systemen wordt onderkend als een belangrijk risico. Door het niet beschikbaar zijn van (belangrijke) IT-systemen en/of de IT-omgeving bestaat het risico van operationele verstoringen. Daarnaast bestaat het risico bij niet adequate IT-beveiliging, dat informatie toegankelijk wordt voor niet geautoriseerde gebruikers en/of dat niet geautoriseerde gebruikers het functioneren van de IT-systemen verstoren of veranderen. Dit risico beperkt zich niet tot de IT-omgeving van Stap, maar omvat tevens de IT-omgeving van de uitbestedingspartners. De genoemde IT- risico’s kunnen daarom van invloed zijn op de dienstverlening aan de deelnemers.

Voor de beheersing van het IT-risico heeft Stap onder andere de volgende beheersmaatregelen getroffen:

  • het ICT-beleid, het informatiebeveiligingsbeleid en het privacy beleid van Stap worden periodiek geëvalueerd en geactualiseerd en er worden maatregelen getroffen ter beheersing van het risico. Het ICT-beleid en het informatiebeveiligingsbeleid zijn gerelateerd aan het uitbestedingsbeleid en hierin zijn adviezen van de externe partij Quint verwerkt
  • gedurende het jaar monitort Stap of de beheersing van het IT-risico bij de uitbestedingspartners overeenkomt met het beleid aan de hand van onder meer de SLA- en risicorapportages. Daarnaast rapporteren de uitbestedingspartners over de voor het IT-risico getroffen maatregelen en de interne beheersing via de ISAE 3402 type II-rapportages
  • op basis van de ISAE 3402 type II-rapportages en aanvullende assuranceverklaringen vormt Stap zich een oordeel over de kwaliteit van de interne beheersing voor het IT-risico bij de uitbestedingspartners en over de maatregelen die de uitbestedingspartners nemen om de kwaliteit te verbeteren
  • daarnaast wordt periodiek een RSA ICT uitgevoerd. Belangrijke aandachtsgebieden zijn onder meer cyberrisico’s en datakwaliteit
  • zowel TKP als Aegon Asset Management hebben in 2025 uitgebreid gerapporteerd hoe is voldoen aan de eisen op het gebied van digitale weerbaarheid zoals vastgelegd in de DORA verordening

Stap onderkent het toenemende risico op cyberaanvallen gezien de hoge mate van digitalisering van de bedrijfsvoering en de afhankelijkheid hiervan. De analyse van de verhoogde gevoeligheid voor cybercrime maakt deel uit van de RSA ICT en de SIRA. Om dit risico te mitigeren, heeft Stap het ICT- en informatiebeveiligings-beleid geïmplementeerd en maatregelen getroffen. Zo laat de uitvoeringsorganisatie periodiek penetratietesten uitvoeren en worden (mogelijke) beveiligingsproblemen direct opgevolgd. Zowel bij de uitbestedingspartners als bij Stap hebben in 2025 geen incidenten, gerichte aanvallen (zoals DDoS) of andere verstoringen van de dienstverlening plaatsgevonden. Alle maatregelen in het kader van informatiebeveiliging zijn in werking en worden continu gemonitord. Omdat er ook veel op andere locaties dan het kantoor wordt gewerkt zijn er doorlopend extra activiteiten op het gebied van bewustzijn uitgevoerd om medewerkers blijvend alert te houden.

In het kader van het nieuwe pensioenstelsel onderkent Stap het risico dat de IT-systemen hiervoor tijdig aangepast dienen te worden. TKP informeert Stap periodiek over de voortgang van de wijzigingen die doorgevoerd moeten worden in de (administratieve) systemen als gevolg van de Wet toekomst pensioenen en de herijking van haar veranderportfolio. Stap heeft binnen de governance nadrukkelijk aandacht voor het TKP-programma Wet toekomst pensioenen.

Juridisch risico

Stap opereert als financiële instelling in een omgeving die sterk gereguleerd is en de komende jaren flink verandert. De pensioensector heeft te maken met aangepaste wetgeving, zoals de Wet toekomst pensioenen. Daarnaast is sprake van toenemende vereisten op het gebied van maatschappelijk verantwoord beleggen. Tevens heeft de Europese Commissie (EC) regelgeving ingevoerd om de digitale weerbaarheid te vergroten en is begin 2024 een voorlopig akkoord bereikt over een pakket wetgevingsvoorstellen om de financieel-economische criminaliteit effectiever tegen te gaan.

Voor het vergroten van de digitale weerbaarheid van de sector heeft de Europese Commissie (EC) begin 2023 een verordening ingevoerd: de digital operational resilience act (DORA). DORA stelt eisen aan financiële organisaties ten aanzien van IT-risicomanagement, IT-incidenten, het periodiek testen van de digitale weerbaarheid en de beheersing van risico’s bij uitbesteding aan (kritieke) derden. Daarbij wordt rekening gehouden met de grootte, het risicoprofiel en het systeembelang van de individuele organisaties. Stap heeft het project om te voldoen aan de vereisten op het gebied van digitale weerbaarheid in de loop van 2025 afgerond.

In 2024 heeft de Europese Unie (EU) het EU-AML/CFT-pakket aangenomen. Dit pakket op het gebied van het bestrijden van het witwassen van geld en financiering van terrorisme heeft als doel een gelijker speelveld te creëren tussen EU-jurisdicties voor het toezicht, gericht op het voorkomen van financieel-economische criminaliteit. Om te zorgen dat dit kader beter werkt, heeft de EU een specifieke antiwitwasautoriteit opgericht; de AMLA. Ondertussen zet Nederland in op meer mogelijkheden voor instellingen om onderling informatie uit te wisselen. Kennisdeling vergroot het zicht op financieel-economische criminaliteit.

Bovenstaande ontwikkelingen leiden tot een verhoogd risico dat Stap niet voldoet aan wet- en regelgeving. Ter beheersing van dit juridisch risico maakt Stap gebruik van de binnen het bestuur, het bestuursbureau en bij de uitbestedingspartners aanwezige (juridische) kennis en kunde en bereidt Stap zich samen met de uitbestedingspartners op voor op de gewijzigde wetgeving. Daarnaast heeft Stap een externe Compliance Officer aangesteld en wordt waar nodig juridische expertise ingehuurd.

Frauderisico

Het risico op fraude is onderdeel van het integraal risicomanagement van Stap. Stap besteedt bij het identificeren en inschatten van risico’s met behulp van de Systematische IntegriteitsRisico Analyse (SIRA) specifieke aandacht aan het inschatten van frauderisico’s bij het integriteitsrisico.

De belangrijkste frauderisico’s die Stap heeft geïdentificeerd hebben betrekking op:

  • het risico dat gegevens opzettelijk worden vervalst, weggelaten, toegevoegd of verwijderd uit (delen van) de administratie en archieven van het pensioenfonds in eigen beheer of bij uitvoerders
  • het risico dat aan een verkeerde partij opdrachten worden verstrekt of werkzaamheden worden uitbesteed

Stap mitigeert en beheerst deze frauderisico’s met behulp van de beheersmaatregelen die hiervoor zijn getroffen. De belangrijkste beheersmaatregelen zijn:

  • het uitvoeren van een jaarlijkse Systematische IntegriteitsRisico Analyse (SIRA)
  • het uitvoeren van een separaat fraude assessment bij het jaarwerk
  • het hanteren van een gedragscode voor alle verbonden personen
  • de aanwezigheid van een klokkenluidersregeling
  • de processen bij de uitbestedingspartners en
  • het ingerichte onafhankelijke toezicht

Het bestuur heeft in 2025 geen vermoedens van fraude gehad.

Transitierisico

De transitie is een groot, complex project dat afhankelijk is van externe factoren zoals de economische omstandigheden en de politiek. Het project vergt de inzet van veel partijen die daarvoor over voldoende menskracht en expertise moeten beschikken. Het bestuur onderkent dat er veel en grote risico’s worden gelopen bij de transitie. Anderzijds meent het bestuur dat de risico’s op een adequate manier beheerst worden. Daarvoor is gezorgd door tijdig te starten met de voorbereiding, waarbij veel scenario’s zijn onderzocht. Een zorgvuldig stappenplan met vooraf gedefinieerde ijkpunten zorgt voor een beheerste overgang. Beslissende stappen worden zowel apart als in samenhang uitvoerig getest. De inzet van de tijdelijk hogere voorziening operationele risico’s en de reeds vooraf geformuleerde fallback-scenario’s zorgen ervoor dat in reële scenario’s de risico’s voldoende beperkt en eventueel gecompenseerd kunnen worden.

In het kader van de operational readiness en datakwaliteit (stay clean) heeft het bestuur nog een go/no go moment vastgesteld uiterlijk 3 maanden voor transitie ter definitieve bepaling of de transitie beheerst en integer plaats kan vinden.

Stap voert minimaal jaarlijks een eigen Risk Self Assessment (RSA) uit. Aangezien de implementatie van de Wtp de komende jaren structureel onderdeel van de werkzaamheden zal zijn heeft Stap ervoor gekozen één integrale RSA uit te voeren. Een belangrijk risico is immers dat de (extra) werkzaamheden ten behoeve van de implementatie van de Wtp ten koste gaan van de reguliere werkzaamheden. Door beide aspecten in één RSA samen te brengen kan dit risico en de daarbij behorende beheersmaatregelen in onderlinge samenhang worden bezien. 

Het bestuur is van mening dat de risico’s voldoende beheerst worden om de transitie te kunnen verwerkelijken en heeft hierbij tevens de opinies van de sleutelfunctiehouder risicobeheerfunctie meegewogen.

Belangrijkste financiële risico’s voor Stap

Naast de hiervoor reeds beschreven risico’s voor Stap vormen het krediet- en liquiditeitsrisico als financiële risico’s op het niveau van Stap een potentiële bedreiging voor de continuïteit van Stap. De belangrijkste financiële risico’s van de pensioenkringen, zoals het renterisico en het liquiditeitsrisico, worden in de risicoparagraaf van de betreffende pensioenkring beschreven.

Krediet- en liquiditeitsrisico

Stap is in 2016 opgericht met een startkapitaal van de initiatiefnemers (pensioenuitvoerder TKP Pensioen B.V. en verzekeraar Aegon Nederland N.V.). Aegon Nederland N.V. stond garant voor de exploitatietekorten van Stap tot eind 2024. Na de fusie tussen Aegon Nederland N.V. en ASR Nederland N.V. heeft ASR Nederland N.V. (a.s.r.) deze afspraken gestand gedaan. Inmiddels is de einddatum van deze garantstelling bereikt en is Stap met a.s.r. in gesprek over de afwikkeling daarvan.

Voor de periode vanaf 1 januari 2025 zijn Stap en Aegon Asset Management Holding B.V. (Aegon AM) financieringsafspraken overeengekomen die in december 2023 in een overeenkomst zijn vastgelegd. Daarnaast is Stap separaat met Aegon AM overeengekomen dat Aegon AM de ontwikkeling van de propositie voor de FPR voorfinanciert.

Het kredietrisico voor Stap betreft het niet nakomen van de afspraken door Aegon AM. Dit heeft mogelijk een negatieve impact op de financiering en liquiditeit van Stap. Door de kredietwaardigheid van Aegon AM te monitoren wordt het kredietrisico beheerst.

Het liquiditeitsrisico betreft het risico dat Stap onvoldoende eigen vermogen of werkkapitaal heeft. Dit risico wordt op niveau van Stap gemitigeerd door het periodiek monitoren van de exploitatiebegroting van Stap en door de uitvoering en monitoring van een beheerste en integere bedrijfsvoering. Indien blijkt dat Stap additionele liquiditeiten nodig heeft, dan kan Stap binnen de kaders van de afspraken in de overeenkomsten aanspraak maken op de garantstelling door Aegon AM.

Het bestuur beheerst de groei en continuïteit van Stap door in de meerjarenbegroting voor de exploitatie van Stap er van uit te gaan dat Stap binnen de door het bestuur gestelde termijnen kostendekkend kan opereren. 

1.5 Beleggingen

Beleggingsbeleid

Het beleggingsbeleid van Stap is gebaseerd op de doelstellingen en ambities van de afzonderlijke pensioenkringen. Om deze doelstellingen en ambities van de pensioenkringen te realiseren, wordt zo belegd dat een optimaal rendement wordt behaald tegen aanvaardbare risico’s. 

Het fiduciair beheer wordt voor elke pensioenkring uitgevoerd vanuit acht (pensioenkring overstijgende) investment beliefs van Stap:

  1. strategisch beleggingsbeleid vormt de belangrijkste beslissing binnen het beleggingsproces
  2. beleggingsrisico nemen loont
  3. eenvoud als vertrekpunt
  4. passief, tenzij de verwachting bestaat dat, rekening houdend met de extra kosten en risico’s van een actieve strategie, een extra rendement ten opzichte van de benchmark of kostenefficiency kan worden behaald
  5. naar aanleiding van het strategisch beleggingsbeleid dekt de pensioenkring onbeloond risico af
  6. diversificatie voegt waarde toe
  7. illiquiditeit verhoogt het rendement
  8. maatschappelijk verantwoord beleggen is een verantwoordelijkheid van een pensioenfonds

Tenminste één keer per 3 jaar voert Stap voor elke pensioenkring een asset liability management (ALM) studie uit. De ALM-studie geeft per pensioenkring inzicht in de verwachte toekomstige ontwikkeling van de premie, de toeslagverlening, het pensioenresultaat, de dekkingsgraad en de risico’s die zijn verbonden aan het beleggingsbeleid van de betreffende pensioenkring. De lange termijn strategische assetallocatie van de pensioenkring wordt door middel van de ALM-studie getoetst. 

De lange termijn strategische asset allocatie moet elke pensioenkring in staat stellen om op lange termijn haar ambities te kunnen realiseren. Deze asset allocatie wordt per pensioenkring in beginsel voor de periode van een economische cyclus vastgesteld. In het kader van de Wet toekomst pensioenen is er ook oog voor mogelijke daaruit voortvloeiende (korte termijn) consequenties voor het beleggingsbeleid. De besluitvorming over de strategische asset allocatie ligt bij het bestuur van Stap, waarbij het belanghebbendenorgaan van de pensioenkring een goedkeuringsrecht heeft. Advisering vindt plaats door de fiduciair manager: Aegon Asset Management.

In de volgende paragrafen is zowel een terugblik op de marktontwikkelingen als een vooruitblik op de financiële markten opgenomen. Aansluitend wordt ook ingegaan op het beleid voor maatschappelijk verantwoord beleggen. Voor nader inzicht in het beleggingsbeleid van de pensioenkringen wordt verwezen naar de beleggingsparagraaf van de betreffende pensioenkring.

Terugblik marktontwikkelingen

Algemeen

Het jaar 2025 stond in het teken van een positief sentiment rondom de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie (AI), maar ook geopolitieke spanningen en onzekerheden waardoor de prijzen van sommige grondstoffen sterk stegen, zo steeg bijvoorbeeld de goudprijs tot recordhoogtes. 

Een opvallende ontwikkeling gedurende het jaar was de forse verzwakking van de Amerikaanse dollar ten opzichte van de euro. Aandelenmarkten waren gedurende het jaar volatiel maar behaalden uiteindelijk positieve rendementen. Ook de kapitaalmarkt kende een volatiel jaar en terwijl de ECB de korte beleidsrente meerdere keren verlaagde steeg de rente voor langere looptijden. Obligaties met een wat hoger risicoprofiel presteerden beter dan staatsobligaties. De inflatieverwachting was stabiel gedurende het jaar.

Aandelen

Aandelen - ontwikkelde markten
Aandelen in ontwikkelde markten behaalden positieve rendementen waarbij de regio Europa het sterkst presteerde. Binnen Europa behaalden vooral banken fors hoge rendementen. Hoewel de markt in de Verenigde Staten ook sterk presteerde, was het rendement in euro’s gemeten beperkt door de verzwakking van de Amerikaanse dollar ten opzichte van de euro. 

Het jaar werd ook opnieuw gekenmerkt door sterk stijgende koersen van ondernemingen die kunstmatige intelligentie (AI) activiteiten hebben of hier indirect aan bijdragen. Aan de andere kant werden ondernemingen afgestraft waarbij de marktverwachting is dat AI juist een bedreiging voor de onderneming is.

Het rendement van de marktbrede index voor ontwikkelde markten bedroeg over het jaar 6,8% (gemeten in euro’s). Het rendement in de Verenigde Staten bedroeg 3,4% en was daarmee dus lager dan rendementen in Europa (19,4%), Japan (9,9%) en Pacific ex Japan (6,4%). De best presterende markten in Europa waren Spanje en Oostenrijk. Een negatieve uitschieter in Europa was Denemarken.

De sector communicatiediensten was de best presterende sector met een rendement van 16%. Ook de financiële sector (14%) presteerde goed. Aan de andere kant behaalden de sector vastgoed (-6%) en beide consumentensectoren (-4%) negatieve rendementen. Aandelen met een hoge marktkapitalisatie deden het dit jaar opnieuw gemiddeld beter dan kleinere bedrijven.

Het rendement van de duurzame 5% issuer capped SRI1 index bedroeg 0,1%, fors lager dan het rendement van de marktbrede index. Dit achterblijvende rendement kan grotendeels verklaard worden door de afwijkende samenstelling van de index in de sectoren financiële diensten, industrie en gezondheidszorg.

[1] De keuze voor de SRI index is een bewuste keuze van Stap als  lange termijn belegger, mede ingegeven door de investment beliefs van Stap.

Aandelen - opkomende markten
Het rendement van aandelen opkomende markten, gemeten in euro, was in het verslagjaar fors positief (+17,8%). Het rendement was daarmee ruim 10%-punt beter dan het euro rendement van de ontwikkelde markten. 

In Azië profiteerden met name ondernemingen uit de technologiesector in Zuid-Korea, Taiwan en China van het aanhoudende positieve sentiment rondom de ontwikkeling van AI. Zuid-Korea was met stip de best presterende opkomende markt in 2025. Ook de Latijns-Amerikaanse regio presteerde goed. Ondernemingen in de regio profiteerden van lage waarderingen, afnemende inflatie en sterke prijsstijgingen van een aantal grondstoffen. Landen in het Midden-Oosten bleven per saldo wat achter als gevolg van toegenomen geopolitieke spanningen en een daling van de olieprijs.

Op sectorniveau behaalden de sectoren grondstoffen (43%), IT (36%) en communicatiediensten (21%) de hoogste rendementen. De sectoren onroerend goed en niet-cyclische consumentengoederen bleven met respectievelijk –7% en –6% achter bij de overige sectoren.

Niet-beursgenoteerd vastgoed

Wereldwijd lieten vastgoedmarkten een toename zien van zowel het transactievolume als de verhuuractiviteiten. Wel is sprake van een gematigde toename. De onzekerheid door geopolitieke spanningen en toegenomen handelsbarrières zorgen ervoor dat de doorlooptijd van transacties is gestegen. Marktpartijen moeten hun beleggingsbeleid aanpassen aan frequent veranderende macro economische stellingnames.

Ramingen van markpartijen laten zien dat het transactievolume in 2025 in de VS, Europa en Azië Pacific gezamenlijk zo’n USD 739 miljard bedroeg. Dit is een stijging van zo’n 19% ten opzichte van het vorige jaar. De grootste stijgingen van het transactievolume waren te zien in de VS en Azië Pacific. Europa bleef relatief achter.

Opvallend is dat wereldwijd nagenoeg overal de woninghuren stijgen. In de Verenigde Staten lijken de kantoorhuren de grootste daling achter de rug te hebben, terwijl in Azië-Pacific sprake is van stijgingen in het topsegment. In Europa en de Verenigde Staten stijgen de logistieke huren licht, maar in Azië-Pacific is nog sprake van dalingen door de grote afhankelijkheid van de door de handelstarieven getroffen wereldhandel. In de Verenigde Staten dalen de winkelhuren, terwijl deze stijgen in een aantal grote steden van Azië-Pacific en Europa die ook populaire toeristenbestemmingen zijn.

Vastrentende waarden

De kapitaalmarkt kende een volatiel jaar. Zo steeg de Duitse 10-jaars rente per saldo met 0,5%-punt naar 2,86%. Terwijl de ECB de beleidsrente meerdere keren verlaagde, steeg de rente voor langere looptijden. Toch was de break-even inflatie, afgelezen uit Duitse 10-jaars inflatiegerelateerde staatsobligaties, vrijwel onveranderd in 2025.

Obligaties met een wat hoger risicoprofiel presteerden beter dan staatsobligaties en sloten 2025 af met veelal hogere rendementen dan staatsobligaties. 

Staatsobligaties
Europese staatsobligaties met een lange(re) looptijd kenden een volatiel jaar waarin een negatief rendement werd behaald. Rentes liepen gedurende het jaar verder op, de Duitse 10-jaars rente steeg met 0,5%-punt naar 2,9%. De 30-jaars rente steeg met 0,9%-punt naar 3,5%. 

Opvallend was dat de rentestijging in Zuid-Europese landen beperkter was, in Italië bleef de 10-jaars rente per saldo onveranderd. Het renteverschil tussen Duitse staatsobligaties en swaps was relatief stabiel op het 10-jaars punt, aan het einde van het jaar lag de Duitse rente 0,07%-punt onder de swaprente. Op het 30-jaars punt ligt de Duitse rente 0,23%-punt boven de swaprente.

De break-even inflatie voor de 10-jaars Duitse inflatie gerelateerde obligatie daalde licht van 1,8% (eind 2024) naar 1,7%.

Staatsobligaties opkomende landen
Staatsobligaties van opkomende landen toonden een opmerkelijke veerkracht ondanks handelsproblemen, geopolitieke instabiliteit en andere risico's gedurende het jaar en behaalden een zeer positief rendement door zowel de gedaalde marktrente als ook de gedaalde kredietopslagen. Per saldo daalde de kredietopslag van de index met 0,6%-punt naar 1,9%. Met name binnen de groep landen met een lage(re) kredietwaardigheid (high yield) daalde de kredietopslag aanzienlijk.

Hypotheken
Ondanks de afgenomen vraag naar Nederlandse hypotheken van institutionele beleggers behaalden Nederlandse hypotheken een sterk positief rendement dat hoger was dan dat van staatsobligaties. De kredietopslag was vrijwel stabiel in 2025 op 1,4% voor een hypotheek met een 20-jaars looptijd en Nationale Hypotheek Garantie (NHG). Huizenprijzen liepen verder op in 2025 en betalingsachterstanden bevinden zich nog steeds op een laag niveau.

Investmentgrade bedrijfsobligaties
Investment Grade bedrijfsobligaties kenden een positief jaar en presteerden ruim 2%-punt beter dan vergelijkbare staatsobligaties. Verschillen tussen de sectoren waren beperkt en alle sectoren kenden een hoger rendement dan staatsobligaties. Per saldo daalde de kredietopslag op investment grade euro bedrijfsobligaties met 0,23%-punt naar 0,76%.

De green bond index behaalde in 2025 eveneens een positief rendement. Net als bij reguliere bedrijfsobligaties werd dit gedreven door afnemende kredietopslagen. Per saldo daalde de kredietopslag met 0,21%-punt naar 0,61%. De markt voor Green Bonds groeide in 2025 met meer dan 20%.

Hoogrentende bedrijfsobligaties
Hoogrentende bedrijfsobligaties (high yield) keenden eveneens een positief jaar . Hoogrentende bedrijfsobligaties presteerden bijna 3%-punt beter dan vergelijkbare staatsobligaties in 2025. Per saldo daalde de kredietopslag met 0,15%-punt naar 2,92%. Obligaties met een CCC-rating bleven gemiddeld achter bij oblligaties met een hogere rating.. Op sectorniveau was de mediasector relatief zwak, en de sector gezondheidszorg presteerde het best.

Geldmarkt
In lijn met de renteverlagingen van de ECB daalden de geldmarktrentes in 2025. De 3-maandsrente (Euribor) startte het jaar op een niveau van 2,7% en eindigde 2025 op een niveau van 2,0%. Door deze rentedaling was geldmarktpapier met een relatief lange(re) looptijd of rentetermijn aantrekkelijker dan korte(re) stukken zodat langer kon worden geprofiteerd van de hogere rente.

Vooruitblik financiële markten

De wereld is in beweging. Bondgenootschappen verschuiven, technologische doorbraken versnellen en er is een groeiende mate van onzekerheid. Beleggers moeten rekening houden met protectionistische maatregelen zoals importtarieven, politieke verschuivingen en regionale conflicten. Desondanks hebben de financiële markten een opmerkelijke mate van veerkracht getoond. 

Een meer gefragmenteerd geopolitiek landschap verstoort steeds meer internationale handel en investeringen, wat de wereldwijde economische groei belemmert. Te midden van deze onzekerheid is kunstmatige intelligentie (AI) naar voren gekomen als een potentiële groeimotor. De investeringen in de technologie zijn sterk toegenomen en zullen ook komende jaren nog verder toenemen, maar of het de significante productiviteitgroei oplevert moet nog blijken.

In de Verenigde Staten remt strenger immigratiebeleid de verwachte bevolkingsgroei en dit drukt daarmee ook de lange termijn groeiverwachtingen. Ondertussen loopt het begrotingstekort op en zonder productiviteitsgroei zal de houdbaarheid van schulden op de proef worden gesteld. 

De Europese economie blijft qua groei al jaren achter bij de Amerikaanse economie. Terwijl China's economische vooruitzichten op korte termijn nog steeds worden beïnvloed door externe factoren en binnenlandse aanpassingen, leggen de strategische investeringen in energie en technologie hier de basis voor duurzame groei.

Het beleid van centrale banken loopt uiteen. In veel regio’s is de inflatie gestaag gedaald richting de gewenste niveaus. De focus van de meeste centrale banken is verschoven van inflatiebeheersing naar economische groei. De Federal Reserve is na een pauze van negen maanden verder gegaan met het versoepelen van het monetaire beleid door haar beleidsrentes verder te verlagen. De toegenomen politieke druk werpt echter vragen op over de onafhankelijkheid van de FED. De Europese Centrale Bank heeft haar beleidsrentes al eerder en verder verlaagd en lijkt hier de komende periode aan vast te houden, terwijl de Bank of Japan mogelijk het beleid zal verkrappen vanwege de opgelopen inflatie. 

Sinds 28 februari 2026, de dag waarop de Israël en de  Verenigde Staten verassingsaanvallen uitvoerden in Iran, staan de financiële markten (op moment van schrijven) enigszins onder druk en zijn olie- en gasprijzen  substantieel gestegen. De impact op inflatie en economische groei valt momenteel nog niet te voorspellen.

Vooruitkijkend is het wel waarschijnlijk dat rendementen op de financiële markten lager zullen uitvallen dan in afgelopen jaren. De rentecurves van staatsobligaties kunnen steiler worden onder druk van verhoogde uitgifte van nieuwe staatsschulden en mogelijkerwijs renteverhogingen van centrale banken (indien de inflatie inderdaad toeneemt). Kredietopslagen kunnen iets oplopen en wereldwijde aandelen zullen naar verwachting een lager rendement bieden dan afgelopen jaren. De winstgroei in de technologie sector zal naar verwachting sterk zijn, maar waarschijnlijk lager dan de consensus suggereert. Een correctie van de hoge waarderingen is dan ook voorstelbaar.

Maatschappelijk verantwoord beleggen

Duurzaamheid speelt een prominente rol in onze samenleving. Mensenrechten, klimaat, verlies aan biodiversiteit, goede governance en gezondheid en welzijn krijgen veel aandacht in het maatschappelijke debat. Deze thema’s zullen op termijn een steeds significantere invloed hebben op maatschappijen en economieën. Stap belegt voor de lange termijn. Daarom is het essentieel om op toekomstige ontwikkelingen te anticiperen om de belangen van pensioengerechtigden te waarborgen. Vanuit deze overtuiging streeft Stap er met het MVB-beleid naar om de beleggingsportefeuilles toekomstbestendig te houden en tevens financiële- en reputatierisico’s te mitigeren.

Stap heeft de overtuiging dat integratie van ESG-factoren (milieufactoren, sociale factoren en governancefactoren) in het beleggingsbeleid het risicoprofiel van een portefeuille verlaagt. Stap ziet maatschappelijk verantwoord beleggen als een verantwoordelijkheid voor een pensioenfonds.

Voor het vormgeven van het MVB-beleid heeft Stap een beleidskader vastgesteld. In dit beleidskader zijn richtlijnen opgenomen voor de invulling van het MVB-beleid binnen de afzonderlijke pensioenkringen. Voor alle pensioenkringen geldt dat alle beleggingen aan het door het bestuur gestelde minimum van het MVB-kader dienen te voldoen. De specifieke invulling kan per pensioenkring, maar ook per beleggingscategorie variëren. De door het bestuur vastgestelde kaders worden in de volgende figuur weergegeven.

Sustainable Finance Disclosure Regulation (SFDR)

Stap valt onder de Sustainable Finance Disclosure Regulation (SFDR), die op 10 maart 2021 in werking is getreden. Het doel van de SFDR is de transparantie over duurzaamheid te vergroten en hiermee greenwashing te voorkomen. Conform de SFDR wordt Stap als financiële marktdeelnemer geclassificeerd en dient Stap informatie te verstrekken over de mate van integratie van duurzaamheid op het niveau van Stap en op het niveau van de pensioenregelingen. De pensioenregelingen van de pensioenkringen van Stap hebben voornamelijk een financiële doelstelling, waardoor ze als artikel 6 kwalificeren.

In 2024 heeft het bestuur besloten om rekening te houden met de belangrijkste ongunstige effecten van beleggingsbeslissingen op verschillende duurzaamheidsfactoren (artikel 4 SFDR). De rapportage over de ongunstige effecten met betrekking tot de beleggingsportefeuille van de pensioenkringen, is opgenomen in de bijlage.

Hierna wordt beschreven hoe Stap en de pensioenkringen omgaan met duurzaamheidsrisico’s.

Duurzaamheidsrisico’s niveau Stap
Naar het oordeel van Stap verlaagt maatschappelijk verantwoord beleggen (MVB) in algemene zin het risicoprofiel van de beleggingsportefeuille. Het screenen van de portefeuilles op de naleving van internationale standaarden voor ondernemingen, het voeren van een dialoog met ondernemingen en het doorvoeren van uitsluitingen leiden tot een vermindering van het risico in de portefeuille.

De beoordeling van de duurzaamheidsrisico’s is een integraal onderdeel van de beleggingsprocessen van Stap. Duurzaamheidsrisico’s (of ESG-risico’s) staan voor gebeurtenissen of omstandigheden op ecologisch, sociaal of governance-gebied die, indien ze zich voordoen, een werkelijk of mogelijk wezenlijk negatief effect op de waarde van de belegging kunnen veroorzaken. Stap identificeert mogelijke duurzaamheidsrisico’s onder andere, maar niet uitsluitend, aan de hand van de maatschappelijke trends en wetenschappelijke publicaties.

Stap hanteert voor alle bestuurders en medewerkers een beloningsbeleid dat niet aanzet tot (het nemen van duurzaamheids-) risico’s, risicovol beleggen of minder zorgvuldig risicomanagement. Stap heeft geen variabele of resultaat afhankelijke elementen in de beloningen opgenomen.

Duurzaamheidsrisico’s niveau pensioenregelingen
De vastgestelde risicohouding per pensioenkring vormt voor Stap het vertrekpunt voor de uitvoering van de pensioenregeling en het beleid. Daarnaast vormt de risicohouding ook de basis voor de inrichting van het beleggingsbeleid. Duurzaamheidsrisico’s zijn, naast traditionele risico’s zoals markt of inflatierisico, een van de risicobronnen waar de pensioenkring aan wordt blootgesteld en worden derhalve integraal meegenomen in het beleggingsproces.

Duurzaamheidsrisico’s waar Stap als pensioenuitvoerder aan blootgesteld is, en duurzaamheidsrisico’s die consequenties kunnen hebben voor de waardeontwikkeling van portefeuilles, zijn verankerd in de eigen risicobeoordeling en het risico-raamwerk van Stap.

MVB-beleid

Stap past, voor zover mogelijk, een generiek MVB-beleid toe op alle beleggingscategorieën, hetgeen in lijn is met Standaard Stap. Standaard Stap laat een mate van vrijheid toe. Conform het MVB-beleid, hebben de pensioenkringen de mogelijkheid om in oplossingen te beleggen met een andere MVB-signatuur, mits er voldaan wordt aan het wettelijke minimum. Hierna wordt het MVB-beleid van Stap beschreven en de uitvoering van de verschillende onderdelen, verder toegelicht. Stap is voornemens om in 2026 de ESG-voorkeuren van de deelnemers in kaart te brengen.

Screening en engagement

Een belangrijk uitgangspunt voor het stewardshipbeleid van Stap is dat alle ondernemingen waarin wordt belegd voldoen aan internationale normen, zoals de OESO-richtlijnen voor Multinationale ondernemingen, de UN Guiding Principles on Business and Human Rights en de UN Global Compact principes. Deze normen omvatten onder meer uitgangspunten op het gebied van mensenrechten, arbeidsrechten, milieu en anti-corruptie. Naast de naleving van deze internationale normen, is er een verscherpte aandacht voor het tegengaan van (potentiële) negatieve gevolgen van het handelen (of nalaten daarvan) door bedrijven en incidenten in relatie tot de toeleveringsketen van bedrijven. Hierbij is gekeken naar incidenten in de toeleveringsketen of met een negatief effect op biodiversiteit. De beleggingen worden jaarlijks gescreend op het naleven van deze principes met gebruikmaking van een gespecialiseerde externe partij. 

De fiduciair beheerder van Stap heeft de due diligence cyclus ingericht conform de OESO-richtlijnen. Voor de prioritering gebruikt de fiduciair beheerder een risico-gebaseerde aanpak. Dit betekent dat niet alle geïdentificeerde bedrijven (direct) hoeven te worden aangesproken of uitgesloten van het universum. De selectie van de ondernemingen voor een dialoog wordt bepaald door het Responsible Investment (RI) team van Aegon AM.

Naast de reguliere screening op de naleving van het MVB-beleid heeft Aegon AM in 2025 aanvullend gekeken naar bedrijven actief in of nabij voor biodiversiteit gevoelige gebieden. Dergelijke gebieden omvatten het Europese Natura 2000-netwerk, UNESCO-werelderfgoedlocaties, unieke ecosystemen cruciaal voor het wereldwijde voortbestaan van biodiversiteit, of beschermde gebieden zoals nationale parken, wildreservaten of wettelijk beschermde gebieden. Bedrijven met activiteiten in of nabij dergelijke gebieden zijn verzocht inzage te geven in het beleid om de kans op milieuschade te minimaliseren. 

Stap is van mening dat een constructieve dialoog met ondernemingen kan bijdragen aan de gedragsverbetering van bedrijven ten aanzien van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Een verbetering zal naar de overtuiging van Stap bijdragen aan waardecreatie op lange termijn en aan het belang van de Stap deelnemers. Stap is voorstander van het gebruik van de dialoog als instrument om ESG-risico’s en negatieve impact te voorkomen, verminderen en/of te mitigeren.

Het doel van de dialoog is de bedrijven te wijzen op hun tekortkomingen en op het belang van gedragsverbetering. Dialoog is een meerjarig traject, waar bedrijven gemonitord worden om hun inspanningen en tegelijkertijd voldoende ruimte krijgen om hun bedrijfsvoering naar een hoger niveau te tillen. Een engagementtraject duurt in beginsel drie jaar. Het kan voorkomen dat een bedrijf eerder wordt uitgesloten indien het niet op dialoog verzoeken reageert of wanneer er geconstateerd wordt dat de dialoog geen gewenste resultaten zal opleveren. Anderzijds, daar waar een bedrijf zich open opstelt en zichtbaar vooruitgang boekt, kan een engagementtraject ook worden verlengd. De beslissingsbevoegdheid met betrekking tot engagement ligt bij de fondsbeheerder. De resultaten van engagement worden elk kwartaal met Stap gedeeld en alle engagement trajecten worden één keer per jaar uitgebreid besproken.

Bij de jaarlijkse screening van de beleggingen voor 2025 voldeden 89 bedrijven waarin pensioenkringen beleggen niet aan het MVB-beleid. 

Gedurende 2025 is met vrijwel al deze ondernemingen een engagement traject gestart of voortgezet. Het merendeel van de ondernemingen heeft hierbij een voortgang laten zien (bijvoorbeeld door indicaties dat de onderneming concrete stappen heeft gezet rondom het engagement onderwerp of door het uitblijven van nieuwe incidenten).

De bedrijven in de portefeuilles van Stap waarmee in 2025 de dialoog is gevoerd zijn weergegeven in de tabel van bijlage 3.

Niet in alle gevallen was een engagement traject succesvol of de verwachting ontbrak dat engagement zou gaan leiden tot het behalen van het engagement doel. In het vierde kwartaal van 2025 is de voortgang van de engagement trajecten geëvalueerd. Hierbij is gekeken naar de reden waarom een onderneming geïdentificeerd was, de huidige status, de duur van de engagement en de bereikte voortgang. Als gevolg hiervan, heeft Aegon AM besloten twee bedrijven toe te voegen aan de voor de Aegon AM multi-manager (MM) fondsen geldende uitsluitingslijst.

Eind 2025 werd met 80 van de 89 geïdentificeerde bedrijven waarin de pensioenkringen van Stap beleggen een dialoog gevoerd. De dialoog werd gevoerd met:

  • 39 bedrijven over incidenten in relatie tot de toeleveringsketen
  • 14 bedrijven over incidenten in relatie tot biodiversiteit, al dan niet in combinatie met de toeleveringsketen
  • 11 bedrijven over het mogelijk niet naleven van de OESO-richtlijnen of over specifiek mensenrechten
  • 16 bedrijven die niet of mogelijk niet voldoen aan één of meerdere principes van de UN Global Compact

Voor de specifieke resultaten van de screening en dialoog binnen de portefeuilles van pensioenkringen wordt verwezen naar de pensioenkring-specifieke verslagen.

Uitsluitingen

De volgende algemene uitgangspunten heeft Stap als minimum in haar beleid voor uitsluitingen gedefinieerd:

  • er wordt niet belegd in bedrijven uit of overheidsleningen van Rusland
  • er wordt niet belegd in bedrijven die direct betrokken zijn bij de productie, ontwikkeling, handel en onderhoud van controversiële wapens
  • landen die op basis van universeel erkende veroordelingen mensenrechten schenden. De uit te sluiten beleggingen vallen onder één van onderstaande criteria:   
    • landen die op basis van universeel erkende veroordelingen mensenrechten schenden op basis van universeel erkende veroordelingen (zoals EU of VN)
    • landen die door Freedom House als ‘niet vrij’ worden geclassificeerd.² Landen met een dermate lage score op het gebied van politieke rechten en burgerlijke vrijheden worden door Freedom House beschouwd als landen met problemen op het gebied van de democratie en rechtsstaat. Zodoende wordt ook een relatief hoge mate van risico op schending van mensenrechten aan deze landen verbonden
    • landen die in Corruption Perceptions Index een score van 30 of lager hebben.³  Hiermee worden landen die door de CPI geclassificeerd worden als meest corrupt uitgesloten.
  • uitsluitingen op basis van de resultaten van dialoog, indien dialoog niet tot de gewenste resultaten leidt

[2] Freedom House is een Amerikaanse NGO die onderzoek doet naar democratie, politieke vrijheid en mensenrechten. Freedom House scoort 195 landen met betrekking tot politieke rechten en burgerlijke vrijheden. Freedom House baseert haar methodologie en scoringsmechanisme op de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Dit betreft een brede en universele interpretatie van mensenrechten. De score van landen is gebaseerd op de beoordeling van externe en interne adviseurs en in-house analisten die landen beoordelen op politieke rechten en burgerlijke vrijheden. De beoordeling van een land komt voort uit een tal van bronnen zoals nieuwsartikelen, academische analyses, NGO rapportage, on-the-ground research en lokale individuele contacten, De score is gebaseerd op twee overkoepelende categorieën, namelijk politieke rechten en burgerlijke vrijheden welke vervolgens worden vertaald in een scorematrix in Not Free, Partly Free en Free. Landen die een lage score behalen op beide onderdelen politieke rechten en burgerlijke vrijheden krijgen het predicaat Not Free.

[3]  De CPI index is een geaggregeerde index op basis van 13 verschillenden onderliggende instituties die de mate van corruptie in een land beoordelen. Wereldwijd is CPI de meest gebruikte graadmeter voor corruptie. De missie van CPI is het wereldwijd beëindigen van corruptie door het promoten van transparantie, verantwoordelijkheid en integriteit op alle niveaus en binnen alle onderdelen van het publieke leven. Corruptie heeft grote invloed op dagelijks leven burgers, daarnaast vormt corruptie zowel een oorzaak als gevolg van conflicten. (CPI report, 2025).

Afhankelijk van de invulling van het MVB-beleid van een pensioenkring kan het voorkomen dat er in de ene pensioenkring meer bedrijven en/of sectoren worden uitgesloten dan in een andere pensioenkring. Ook kan het voorkomen dat er in verschillende beleggingscategorieën andere bedrijven of sectoren worden uitgesloten.

Uitsluiting van bedrijven vindt voor de pensioenkringen die beleggen in de MM-beleggingsfondsen van Aegon AM in het algemeen plaats op basis van de volgende criteria.

Controversiële wapens 

  • als controversiële wapens worden de volgende soorten geclassificeerd: biologische wapens, nucleaire wapens, chemische wapens, antipersoonsmijnen, clustermunitie, munitie met verarmd uranium en witte fosfor, alsmede ‘blinding laser’ wapens en ‘non-detectable fragments’
  • bedrijven die componenten ontwikkelen of produceren voor controversiële wapens, zoals hierboven vermeld, of essentiële diensten aanbieden voor hun gebruik

Thermische kolen

  • bedrijven die meer dan 1% van de omzet behalen met thermische kolenmijnbouw en/of die meer dan 10Mt produceren. Uitbreiding van capaciteit is niet toegestaan
  • bedrijven die 5% of meer van hun omzet behalen uit kolengestookte elektriciteitsopwekking
  • bedrijven die een capaciteit hebben voor de opwekking van kolengestookte elektriciteit van meer dan 10 gigawatt en actief de productiecapaciteit van kolencentrales uitbreiden

Niet naleven wereldwijde normen

  • bedrijven die non-compliant zijn met wereldwijde normen en onvoldoende voortgang in de dialoog hebben getoond

Tabak

  • bedrijven die inkomsten halen uit de productie van tabak, en ten minste 10% van de inkomsten uit de distributie van tabak en/of detailhandel

Onconventionele en/of arctische olie- en gaswinning

  • bedrijven die 5% of meer van hun omzet halen uit onconventionele olie- en gaswinning en/of olie- en gaswinning uit poolgebied

Biodiversiteit

  • bedrijven die 5% of meer van hun inkomsten uit palmolieproductie en/of distributie behalen
  • bedrijven die bossen beheren voor houtproductie met een FSC-certificeringsdekking vanaf 60% of lager

Staatsschuld

  • elke vorm van door de overheid uitgegeven schuld (bijvoorbeeld staatsobligaties) van landen die systematisch inbreuk plegen mensenrechten of uit een land waarvan de regering bestaat onderworpen aan een wapenembargo van de Verenigde Naties Veiligheidsraad, de Verenigde Staten, de Europese Unie of er is een ander relevant multilateraal wapenembargo van kracht plaats
  • beleggingen in Russische en Belarussische bedrijven in navolging van de internationale sancties tegen deze landen

In 2025 stonden 1.130 bedrijven op de voor de MM fondsen geldende AIM uitsluitingslijst (2024: 2.564 bedrijven). (4)

(4) De reden voor het lagere aantal is dat Russische en Wit-Russische bedrijven niet meer in dit overzicht worden opgenomen.

Figuur 1 - Bron: Aegon Asset Management

Voor het overzicht van  de specifieke uitsluitingscriteria die in de portefeuilles van de pensioenkringen van Stap worden toegepast wordt verwezen naar de pensioenkring-specifieke verslagen.

Stemmen

Stap stemt volgens haar stembeleid wereldwijd op aandeelhoudersvergaderingen. Periodiek wordt getoetst of het stembeleid binnen de beleggingsfondsen waarin belegd wordt nog steeds passend is.

Als participant in de multi-manager beleggingsfondsen  heeftStap invloed op de invulling van het MVB-beleid binnen deze fondsen, Binnen de multi-manager beleggingsfondsen wordt voor stemactiviteiten gebruik gemaakt van het gespecialiseerde stemadviesbureau ISS. Er wordt gestemd conform de ‘ISS International Sustainability Proxy Voting Guidelines’.

 De guidelines zijn gericht op:

  • creatie van aandeelhouderswaarde op de lange termijn (waardebehoud en creatie)
  • ondersteuning van een effectieve bedrijfsvoering
  • bevordering van redelijke beloningssystemen
  • goede corporate governance (rekening houdend met regionale verschillen in governance standaarden)
  • het bevorderen van een maatschappelijk verantwoord ondernemingsbeleid t.a.v.: duurzaamheid, werknemersrechten, voorkomen van discriminatie en mensenrechten

In bijzondere gevallen, bijvoorbeeld bij Eumedion alerts, afwijkingen van de Nederlandse Governance Code of sector- brede aandeelhoudersresoluties, kan afgeweken worden van het ISS stemadvies.

Voor de resultaten van stemmen wordt verwezen naar de pensioenkring-specifieke verslagen.

MVB-beleid per beleggingscategorie

Hieronder wordt de wijze beschreven waarop het MVB-beleid per beleggingscategorie wordt uitgevoerd. 

Beleggings-
categorie
Onderdeel
MVB-beleid
Toepassing
Aandelen Stemmen
Screening en engagement
Uitsluitingen
ESG-integratie
ESG-integratie: Om financiële, juridische en reputatie risico’s te beperken, hanteert Stap ESG-integratie. Het uitgangspunt voor beleggingen in aandelen ontwikkelde markten is passief beheer. Voor beleggingen in aandelen ontwikkelde markten heeft Stap daarom voor de meeste pensioenkringen de MSCI World SRI Index als benchmark geselecteerd. Deze index is gewogen naar markt en sector conform de MSCI World Index. Daarbij wordt er uitsluitend belegd in de 25% van de ondernemingen die het hoogst op ESG-criteria scoren. De ESG-criteria worden door de benchmarkprovider geïntegreerd. In geval van actief beheerde mandaten nemen de geselecteerde vermogensbeheerders ESG-factoren integraal mee in hun beleggingsproces.
Emerging Market Debt Screening en engagement
Uitsluitingen
ESG-integratie
Uitsluitingen: Stap belegt niet in landen die volgens internationaal erkende instanties en aanvullende criteria mensenrechten schenden.

ESG-integratie: De mate waarop vermogensbeheerders ESG integreren in het beleggingsproces vormt een integraal element van de managerselectie en -monitoring voor actief beheerde mandaten.
High Yield Screening en engagement
Uitsluitingen
ESG-integratie
ESG-integratie: De mate waarop vermogensbeheerders ESG integreren in het beleggingsproces vormt een integraal element van managerselectie en -monitoring voor actief beheerde mandaten.
Investment Grade bedrijfsobligaties Screening en engagement
Uitsluitingen
ESG-integratie
ESG-integratie: De mate waarop vermogensbeheerders ESG integreren in het beleggingsproces vormt een integraal element van managerselectie en -monitoring voor actief beheerde mandaten.

Stap geeft invulling aan beleggingen in Investment Grade bedrijfsobligaties door een combinatie van meerdere beleggingsfondsen. Voor de meeste pensioenkringen wordt hierbij in een mix van actieve en passieve beleggingsfondsen belegd. Voor een actieve euro beleggingsfonds is de benchmark een best-in-class benchmark (Bloomberg MSCI Euro Corporate Sustainable ESG Select Index). Het passieve beleggingsfonds die zowel in euro als in dollar belegt volgt een climate transition benchmark.

Thematische beleggingen: De meeste pensioenkringen van Stap kennen een allocatie naar green bonds, om zo invulling te geven aan het thematisch aandachtsgebied klimaat.
Hypotheken   Binnen de hypothekenportefeuille wordt het aandeel hypotheken met een hoge loan to value (LTV) gemaximeerd. Daarmee wordt voorkomen dat leningen worden verstrekt die veel hoger zijn dan de waarde van het onderpand. Hoewel dit een andere invulling is van specifieke uitsluitingen dan bijvoorbeeld sectoren of bedrijven binnen aandelen of bedrijfsobligaties, is hier wel sprake van een uitsluiting om financiële en reputatierisico’s te mitigeren.

Stap wenst dat bij de selectie en monitoring van de vermogensbeheerder aandacht wordt besteed aan ESG-aspecten.
Staatsobligaties (ontwikkelde landen)   Het is wettelijk niet toegestaan om te beleggen in staatsobligaties van landen die volgens VN resoluties op een sanctielijst zijn opgenomen (sanctiewet 1978).Uitsluitingen: Stap belegt niet in landen die volgens internationaal erkende instanties en aanvullende criteria mensenrechten schenden. Naast uitsluitingen acht Stap het van belang om inzicht te hebben in het algemene ESG-profiel van de landen waar de pensioenkringen in investeren. Het ESG-profiel kan additionele informatie geven over de mogelijke uitdagingen, maar ook kansen, waar de uitgevers van staatsobligaties in de portefeuille voor staan. Duurzaamheidskarakteristieken van landen die in aanmerking komen voor opname in het mandaat voor nominale staatsobligaties dienen daarom geëvalueerd te worden. Stap beoordeelt deze landen mede aan de hand van sustainability scores van de fiduciaire vermogensbeheerder.
Niet-beursgenoteerd vastgoed   Door het specifieke karakter van niet-beursgenoteerd vastgoed is screening en engagement en het standaard uitsluitingenbeleid binnen deze categorie niet volledig van toepassing. Stemrecht wordt uitgeoefend door het bezoeken van aandeelhoudersvergaderingen van de beleggingsfondsen waarin geparticipeerd wordt en, indien dat niet mogelijk is, door gebruik te maken van ‘proxy’ formulieren. Daarnaast kan bij voldoende omvang actief gestreefd worden naar vergroting van de invloed op het beleid van een vastgoedfonds door participatie in fonds-specifieke adviesorganen.

Onderzoeken naar vastgoedbeleggingen wijzen uit dat objecten die beter scoren op ESG-factoren geen slechter rendement halen en bovendien een lager risico hebben. Daarnaast wordt ook het mogelijke reputatierisico voor de belegger beperkt. Bij de selectie van managers of beleggingsfondsen wordt zodoende het duurzaamheidsbeleid als één van de selectiecriteria meegenomen.

Aanvullend wordt bij de selectie van beleggingsfondsen ingezet op het opleggen van minimale vereisten voor energielabels en/of GRESB-scores voor nieuw vastgoed.

1.6 Financiële paragraaf

Stap is in 2016 opgericht met een startkapitaal van de initiatiefnemers (pensioenuitvoerder TKP Pensioen B.V. en verzekeraar Aegon Nederland N.V.). Aegon Nederland N.V. stond garant voor de exploitatietekorten van Stap tot eind 2024. Na de fusie tussen Aegon Nederland N.V. en ASR Nederland N.V. heeft ASR Nederland N.V. (a.s.r.) deze afspraken gestand gedaan. Inmiddels is de einddatum van deze garantstelling bereikt en is Stap met a.s.r. in gesprek over de afwikkeling daarvan.

Voor de periode vanaf 1 januari 2025 zijn Stap en Aegon Asset Management Holding B.V. (Aegon AM) financieringsafspraken overeengekomen die in december 2023 in een overeenkomst zijn vastgelegd. Daarnaast is Stap met Aegon AM overeengekomen dat Aegon AM de ontwikkeling van de propositie voor de FPR voorfinanciert.

Het exploitatietekort over 2025 bedraagt € 668 duizend (2024: € 70 duizend) en dit is opgenomen in de ‘’staat van baten en lasten’’. Stap heeft ervoor gekozen, met het oog op een gezonde financiële huishouding, om bij het inroepen van de garantie eerst de raad van toezicht te laten vaststellen dat sprake is geweest van een beheerste en integere bedrijfsvoering.

1.7 Kostentransparantie

De governancekosten van Stap bestaan uit de volgende componenten:

  • exploitatiekosten (kosten bestuur, raad van toezicht, bestuursbureau, huisvesting, advieskosten, verzekeringen, algemene uitvoerings- en fiduciaire kosten en distributiekosten)
  • contributies en bijdragen (onder andere kosten DNB, AFM, Pensioenfederatie)
  • kosten accountant en certificerend actuaris
  • kosten belanghebbendenorganen (onder andere vergoedingen leden, opleidingskosten, ondersteuning)

De vergoedingen vanuit de pensioenkringen voor de governancekosten zijn afhankelijk van de afspraken die bij de toetreding tot Stap met de pensioenkring zijn gemaakt. Deze afspraken zijn afhankelijk van de aard van de pensioenregeling en worden bepaald als een vast bedrag of een percentage van het belegd vermogen. De meeste governancekosten en de daarvoor ontvangen vergoedingen worden verantwoord in de jaarrekening van Stap. Een aantal onderdelen van de governancekosten worden direct doorbelast aan de pensioenkringen en daarmee rechtstreeks verantwoord in de financiële opstelling van de betreffende pensioenkring.

Om de kostendekking voor de exploitatie van Stap over 2025 te bepalen worden in de onderstaande tabel de totale uitvoeringskosten en vergoedingen weergegeven.

(bedragen x € 1.000)    
Governancekosten 2025 2024
Governancekosten verantwoord in de jaarrekening van Stap 5.034 4.363
Governancekosten rechtstreeks verantwoord in de financiële opstellingen van de betreffende pensioenkringen 1.621 1.029
Totale governancekosten Stap en pensioenkringen 6.655 4.891
     
Vergoedingen pensioenkringen verantwoord in de jaarrekening van Stap 4.313 4.293
Governancekosten rechtstreeks verantwoord in de financiële opstellingen van de betreffende pensioenkringen 1.621 1.029
Totale vergoedingen pensioenkringen voor governancekosten 5.934 4.821

In 2025 hebben de pensioenkringen een vergoeding betaald voor de voorbereidingen die Stap heeft getroffen voor de (voorbereiding van de) transitie naar de Wtp.

De vergoedingen worden door de pensioenkringen betaald over de periode dat een pensioenkring gedurende het boekjaar is aangesloten.

1.8 Weerstandsvermogen

Voor het weerstandsvermogen geldt een wettelijk voorgeschreven minimum en maximum. Stap toetst doorlopend of het aanwezige weerstandsvermogen hieraan voldoet. Daarbij komen vastgestelde overschotten en tekorten van het weerstandsvermogen, die het gevolg zijn van het behaalde positieve of negatieve rendement op het vermogen van de pensioenkringen, ten goede aan respectievelijk ten laste van het behaalde bruto rendement op het vermogen van de pensioenkringen.

Het bestuur heeft in het kader van de vaststelling van het weerstandsvermogen de risico’s op instellingsniveau ingeschat. Getoetst is in hoeverre het aanwezige weerstandsvermogen voldoende is ten opzichte van de door Stap als instelling onderkende risico’s en het daarvoor benodigd aan te houden kapitaal. Het bestuur schat de risico’s in op basis van de uitgevoerde RSA en een aan ICAAP verwante analyse. Stap toetst op basis hiervan doorlopend of er voldoende weerstandsvermogen is aangehouden. In 2025 heeft Stap steeds voldoende weerstandsvermogen aangehouden.

1.9 Toekomstparagraaf

Wet toekomst pensioenen

Het afgelopen jaar stond in het teken van de transitie naar de Wet toekomst pensioenen en dit zal een thema blijven tot de uiterste transitiedatum van 1 januari 2028. De komende jaren begeleidt Stap huidige en toekomstige klanten bij een zorgeloze transitie naar het nieuwe pensioenstelsel. Stap faciliteert zowel solidaire als flexibele premieregelingen. Daarnaast blijft Stap het huidige FTK uitvoeren voor collectiviteiten die in het huidige pensioenstelsel blijven.

In dit jaarverslag rapporteert Stap, als één van de koploperfondsen bij het invaren, voor het eerst over pensioen onder de Wtp. Dit is nieuw voor zowel Stap, maar ook voor DNB als toezichthouder. Het jaarverslag is opgesteld, rekening houdende met de thans geldende richtlijnen en normen. Mogelijk gelden volgend jaar wat andere richtlijnen en normen, aangezien er dan meer ervaring is met pensioen onder de Wtp.  

Op 1 januari 2028 moeten alle pensioenregelingen voldoen aan de regels van het nieuwe pensioenstelsel. Het kwalitatief excellent uitvoeren van de pensioenregeling op een efficiënte en effectieve manier staat hoog in het vaandel van Stap. Stap hanteert daarbij de volgende criteria bij het aanvaarden van de opdracht tot uitvoering van een pensioenregeling: haalbaarheid van de ambitie, uitvoerbaarheid, uitlegbaarheid en evenwichtigheid. 

Daarnaast bereidt Stap zich ook voor op de periode na de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel. De huidige transitie zal immers niet de laatste wijziging zijn in de pensioensector. Stap blijft graag in gesprek met haar klanten om te bezien op welke wijze Stap de schaalvoordelen van een algemeen pensioenfonds nog beter tot uiting kan laten komen, zonder dat dit ten koste gaat van de kwaliteit van de dienstverlening.

Fusie Stap & Het Nederlandse Pensioenfonds (HNPF)

Op donderdag 23 april 2026 hebben Stap en Het Nederlandse Pensioenfonds (HNPF) het voornemen bekend gemaakt om te fuseren. De algemeen pensioenfondsen hebben gezamenlijk een vermogen van in totaal € 18 miljard en meer dan 150.000 deelnemers. Met deze schaalgrootte en gebundelde expertise hebben beide pensioenfondsen de ambitie om samen te werken aan toekomstbestendige pensioenuitvoering. Door het voornemen tot een fusie aan te kondigen, is het gefuseerde algemeen pensioenfonds gereed op het moment waarop de markt opengaat en pensioenfondsen opnieuw strategische keuzes maken. De komende periode staat in het teken van formele besluitvorming en goedkeuring door de betrokken governance-organen en DNB.

Utrecht, 16 juni 2026
Stichting Algemeen Pensioenfonds Stap

Namens het bestuur
Jeroen de Munnik
(voorzitter)

1.10 Verslag raad van toezicht

Inleiding

Conform artikel 104 van de Pensioenwet heeft de raad van toezicht (RvT) in 2025 toezicht gehouden op het beleid van het bestuur en op de algemene gang van zaken bij Stichting Algemeen Pensioenfonds Stap (verder Stap). De RvT is belast met het toezien op adequate risicobeheersing en evenwichtige belangenafweging door het bestuur en legt verantwoording af aan de Vergadering van Belanghebbendenorganen (VvBO) en in het bestuursverslag (onderdeel van het jaarverslag). Daarnaast heeft de RvT een adviserende taak (gevraagd en ongevraagd) naar het bestuur, waarbij de Code Pensioenfondsen en de naleving hiervan bij de invulling van zijn taak wordt betrokken.

Samenstelling van de raad

Op 16 maart 2025 is Martine Menko herbenoemd voor een tweede termijn als lid van de RvT. Per 1 juli 2025 is de zittingstermijn van Jacques Moors geëindigd. Jacques was sinds de start van 1 juli 2016 van Stap onafgebroken voorzitter van de raad. De RvT is Jacques buitengewoon erkentelijk voor zijn inzet en leiderschap, niet alleen gedurende de zittingstermijn van negen jaar (tweede termijn was met een jaar verlengd) dat hij in de RvT heeft gefunctioneerd, maar ook voor zijn bijdragen voorafgaande aan de formele start van Stap in 2016. De RvT is verheugd in de persoon van Marlies van Loon een goede invulling van de ontstane vacature gevonden te hebben. De VvBO heeft Marlies per 1 juli 2025 benoemd als nieuw lid van de RvT. Peter Dorrestijn heeft vanaf die datum de rol van voorzitter overgenomen van Jacques.

Overleggen en afstemming gedurende het jaar 2025

De RvT voert jaarlijks tenminste eenmaal overleg met elk afzonderlijk belanghebbendenorgaan (BO) van de pensioenkringen binnen Stap. Dit naast de verantwoording die tweemaal per jaar verstrekt wordt aan de VvBO. De RvT heeft ervaren dat deze afzonderlijke overleggen plaatsvinden in een open en constructieve sfeer en daardoor over en weer extra inzicht geeft in de specifieke aandachtspunten van de individuele BO’s. 

De RvT heeft in 2025 vier reguliere RvT-vergaderingen en twee extra vergaderingen met betrekking tot het jaarwerk (waaronder overleg met de certificerend actuaris en externe accountant) gehouden. De zelfevaluatie werd op 18 maart 2025 gedaan onder begeleiding van een externe partij. Tijdens de zelfevaluatie is aandacht besteed aan de onderlinge samenwerking binnen de RvT en gesproken over de samenwerking met het bestuur en het bestuursbureau. De conclusies van de zelfevaluatie zijn gedeeld met het bestuur.

In januari 2025 is er nog driemaal overleg geweest over het invaardossier van pensioenkring Holland Casino. Daarnaast werd er in het najaar vier keer vergaderd over de invaardossiers van de pensioenkringen Ballast Nedam en Douwe Egberts en eenmaal met elk van beide BO’s. Met het bestuur werd vier keer vergaderd en daarnaast tweemaal in de vorm van een “benen-op-tafel” sessie. In een dergelijke sessie wordt de tijd genomen om buiten de formele agendapunten om van gedachten te wisselen over onder andere de strategie en algemene governancezaken. Zes keer werd overleg gevoerd in de VvBO waarbij onder meer de respectievelijke (her)benoemingen van Fred Ooms en Jeroen de Munnik (bestuur) en Martine Menko en Marlies van Loon (RvT) aan de orde gesteld werden. De RvT wil graag Marga Schaap bedanken voor haar jarenlange inzet, eerst als bestuurder en later als voorzitter van het fonds. Haar betrokkenheid bij het fonds heeft in belangrijke mate bijgedragen aan de groei en stabiele positie die is bereikt. De RvT ziet in Jeroen de Munnik een goede opvolger. 

Verder werd deelgenomen aan een tweetal themasessies, gezamenlijk met vertegenwoordigers van de BO’s, in februari en september. 

Alle leden van de RvT zijn als toehoorder aanwezig geweest bij één of meerdere commissievergaderingen.

Thematiek met speciale aandacht in overleg raad van toezicht en bestuur

In het verslagjaar heeft de RvT wederom gebruik gemaakt van een geactualiseerde toezichtvisie. 

Hieronder worden de belangrijkste focuspunten toegelicht:

Voortgang Wtp

In het verslagjaar heeft de voortgang Wtp en meer in het bijzonder de overgang van een aantal pensioenkringen de meeste aandacht binnen Stap gekregen. De overgang per 1 mei 2025 van pensioenkring Holland Casino, nadat in maart 2025 groen licht van DNB was ontvangen, verdient een groot compliment aan alle direct betrokkenen (met name bestuur en bestuursbureau), maar ook van het belanghebbendenorgaan en de uitbestedingspartners. In het najaar is vervolgens hard gewerkt aan de invaardossiers van de pensioenkringen Ballast Nedam en Douwe Egberts. De ervaringen opgedaan bij de kring Holland Casino hebben zich bij deze kringen op een goede wijze uitbetaald, hetgeen heeft geleid tot een soepel en relatief snel proces waaronder de afstemmingen met BO’s, sleutelfunctiehouders en RvT.

Adequate risicobeheersing

Op het gebied van risicomanagement ziet de RvT dat de diverse extra werkzaamheden in verband met de overgang naar het nieuwe stelsel veel tijd en energie hebben gevraagd van de sleutelfunctie risicobeheer. De RvT heeft geconstateerd dat de sleutelfunctiehouder risicobeheer vanuit zijn eigen kennis en ervaring in staat is om onafhankelijk een professionele beoordeling te maken. De risico opinies vormen een stevig fundament zowel voor het bestuur als voor de RvT om grip te houden op een adequate risicobeheersing. De reguliere werkzaamheden met betrekking tot het operationeel risicomanagement hebben op een geplande wijze doorgang gevonden en de betreffende rapportages geven een goed actueel inzicht.

Datakwaliteit

Bij de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel wordt veel aandacht besteed aan de beoordeling van datakwaliteit. De aanpak die wordt gekozen per pensioenkring steunt in grote mate op de werkzaamheden die voor pensioenkring Holland Casino zijn uitgevoerd. In het verslagjaar heeft afstemming plaatsgevonden met de toezichthouder DNB voor een aanvulling op deze werkzaamheden specifiek voor elke pensioenkring. De sleutelfunctiehouder risicobeheer geeft voor elke fase van het project datakwaliteit bij elke kring een opinie af die door het bestuur wordt besproken en gebruikt. De RvT heeft bij de beoordeling van de invaardossiers hiervan kennis genomen.

Cybersecurity

Op 17 januari 2025 is de nieuwe wetgeving Digital Operational Resilience Act (DORA) van kracht geworden, een Europese verordening met betrekking tot cybersecurity. Stap heeft deze samen met de uitbestedingspartners tijdig geïmplementeerd en de RvT is hierover goed geïnformeerd. De vervolgacties zoals geformuleerd tijdens de implementatiefase worden goed opgepakt.

Monitoren ESG-beleid

Het beleid met betrekking tot verduurzaming van de beleggingsportefeuille en het gevolgde beleid staat periodiek op de agenda. De RvT heeft de beleggingsrapportages en in het bijzonder de relevante ESG-onderwerpen gevolgd. Stap laat zich niet leiden door tactisch beleggingsbeleid bij wisselende marktomstandigheden, maar geeft zich wel rekenschap, als lange termijn belegger, van mogelijkheden tot risicoreductie. Over de oplopende geopolitieke spanningen en de risico’s die dit voor beleggingen met zich meebrengt is regelmatig gesproken. Na het aantreden van een nieuwe president in de Verenigde Staten van Amerika kan dit een nieuw accent krijgen, waarbij de kanttekening hoort dat Stap als pensioenfonds zich richt op de lange termijn en zich niet laat leiden door volatiliteit op de kortere termijn.

Bestuurlijke governance

De RvT ziet dat de werkdruk voor de medewerkers van het bestuursbureau, in de periode richting overgang naar nieuwe pensioenregelingen volgens de Wtp, aanzienlijk is. Met het bestuur wordt het onderwerp “werklast en werkdruk” regelmatig besproken. De RvT constateert dat het bestuur hier ook acht op slaat en dit als aandachtspunt met de directie van het bestuursbureau nauwlettend volgt, om de belasting van het bestuursbureau acceptabel te houden.

Onderwerpen besproken tijdens de reguliere raad van toezicht vergaderingen

In het verslagjaar zijn diverse onderwerpen tijdens de vergaderingen van zowel de RvT zelf als met het bestuur besproken. Naast de projectmatige onderwerpen zoals Wtp kwamen daarbij de navolgende onderwerpen onder andere aan de orde:

  • maand- en kwartaalrapportages van Stap en van de verschillende pensioenkringen
  • risicomanagementrapportages en rapportages sleutelfunctiehouders
  • jaarwerk 2024 inclusief bevindingen accountant en certificerend actuaris
  • jaarcyclus pensioenkringen
  • evaluatie strategische uitbestedingspartners
  • exploitatie en meerjarenbegroting Stap
  • commerciële ontwikkelingen
  • gedrag en cultuur, waaronder de schijn van belangenverstrengeling en het bevorderen van een transparante en integere omgeving
  • communicatiethema’s

Adviezen en/of goedkeuring van onderwerpen in de contacten met het bestuur

Krachtens de Pensioenwet heeft de rvt goedkeuring gegeven aan:

  • de vaststelling van het Jaarverslag 2024
  • het afronden van het invaardossier Holland Casino en het indienen van de invaardossiers Ballast Nedam en Douwe Egberts met betrekking tot overgang naar de Wtp 
  • toetreding Stichting pensioenfonds IFF naar een eigen pensioenkring per 1 oktober 2025
  • goedkeuring reglement Interne Auditfunctie
  • mogelijkheid voor incidentele beloning voor directie en medewerkers van het bestuursbureau in verband met tijdelijk verhoogde inzet en beschikbaarheid
  • goedkeuring profielen lid en voorzitter bestuur

 De rvt heeft adviezen gegeven aan het bestuur en de VvBO omtrent:

  • de herbenoeming van Fred Ooms als lid van het bestuur
  • de benoeming van Marlies van Loon als lid RvT
  • de benoeming van Jeroen de Munnik als nieuwe bestuursvoorzitter vanaf 1 januari 2026
  • de strategie van het fonds richting en post-Wtp

Bevindingen

De rvt geeft de volgende bevindingen bij de hiervoor aangegeven gespreksonderwerpen:

  • de kwaliteit van de maand- en kwartaalrapportages geeft goed inzicht in de ontwikkelingen per pensioenkring en wordt in de reguliere RvT-vergaderingen behandeld
  • de RvT is continu op de hoogte gehouden en nauw betrokken bij alle fasen van de geplande overgang van Pensioenkring Holland Casino naar de solidaire premieregeling
  • de RvT blijft aandacht vragen voor verduurzaming van de beleggingsportefeuille en heeft daarnaast aandacht gevraagd voor de toenemende geopolitieke risico’s
  • met genoegen stelt de RvT vast dat de werkwijze en rapportering van de sleutelfunctiehouders op professionele wijze is gecontinueerd
  • de RvT is geïnformeerd over de jaarlijkse evaluatie van de uitvoeringspartners en heeft ingestemd met de conclusies over de samenwerking
  • de RvT is op de hoogte gesteld van ontwikkelingen ten aanzien van de commerciële trajecten en meent dat er sprake is van een gedegen en zorgvuldige marktbenadering
  • de RvT wordt op de hoogte gehouden over de stand van zaken ten aanzien van de contacten met de uitbestedingspartijen en de relatie met Stap

Vooruitblik

Het toezichtsplan 2026 is besproken met het bestuur en de VvBO. Naast de voortgang Wtp en het borgen van een adequate risicobeheersing zal er aandacht uitgaan naar de strategie en de financiering en kostenontwikkeling in 2026.

Beoordeling

De rvt komt tot de navolgende beoordeling over de gang van zaken in het verslagjaar 2025

  • de RvT heeft bij de beoordeling gebruik gemaakt van de normen uit de Code Pensioenfondsen die relevant zijn voor het intern toezicht
  • het bestuur bestuurt het algemeen pensioenfonds Stap op deskundige manier, waarbij op de gepaste momenten de juiste keuzes worden gemaakt en tijdig besluiten genomen worden. Het bestuur is daarbij transparant hoe de evenwichtige afweging van belangen plaatsvindt
  • de samenwerking met het bestuur verloopt in een open en constructieve wijze. In 2025 is er tijd en gelegenheid gecreëerd om ook het “benen-op-tafel” gesprek met elkaar te hebben
  • de implementatie van de Wtp zal veel aandacht blijven vragen in de komende jaren. Wij zijn onder de indruk van de hoeveelheid werk die is verzet. Het bewustzijn dat de transitie gepaard gaat met onzekerheden en risico’s wordt volop beseft en daarnaar wordt gehandeld. De inspanningen en aanpak bij het project Wtp en in het bijzonder van het dossier Pensioenkring Holland Casino verdienen groot respect. De voortgang en voortvarendheid bij de invaardossiers van de eerstvolgende kringen in 2025 en 2026 duiden op een realiseerbare planning en de verwachting dat Stap tijdig tot afronding kan komen
  • wij hebben geconstateerd dat de risico’s goed in beeld zijn en op een adequate wijze worden geadresseerd in rapportages en opinies van de sleutelfunctiehouders
  • de RvT constateert dat het overleg tussen bestuur en BO’s goed verloopt en benadrukt het blijven voeren van constructief overleg met de BO’s, mede gezien de komende trajecten met betrekking tot de overgang naar de Wtp

Met genoegen en grote waardering kijkt de RvT terug op de constructieve samenwerking met het bestuur van Stap, het bestuursbureau en de belanghebbendenorganen van de pensioenkringen binnen Stap en spreekt zijn tevredenheid uit over de gang van zaken. 

De raad van toezicht kijkt met vertrouwen uit naar de uitdagingen voor 2026.

Utrecht, 16 juni 2026
Stichting Algemeen Pensioenfonds Stap

De raad van toezicht

Peter Dorrestijn, voorzitter
Martine Menko
Marlies van Loon

Reactie bestuur

Het bestuur kijkt met veel genoegen terug op de wijze waarop de raad van toezicht haar rol uitoefent en is de raad van toezicht erkentelijk voor hun inspanningen. Het bestuur bedankt de heer Jacques Moors, die tot 1 juli 2025 als voorzitter van de RvT bij Stap betrokken was, voor de fijne samenwerking.

Het bestuur heeft er vertrouwen in dat alle onderwerpen die door de raad van toezicht voor 2026 worden aangedragen, naar tevredenheid van alle betrokkenen onder de aandacht blijven.