Spring naar inhoud

12.
Algemeen verslag pensioenkringen

12.1
Toelichting resultaten beleggingsfondsen

Toelichting resultaten beleggingsfondsen voor aandelen

In de volgende tabel is weergegeven in welke beleggingsfondsen de verschillende pensioenkringen beleggen voor aandelen.

  Eastman SVG Holland Casino Douwe Egberts Ballast Nedam GE Nederland TotalEnergies Nederland Aon Groep Nederland Astellas Multi-client 2
MM European Equity Index Fund Hedged               X    
MM European Equity Index Fund                   X
MM Developed World Equity Index Fund Hedged               X    
MM Developed World Equity Index Fund           X X X    
MM World Equity Index SRI Fund - EUR X                  
MM World Equity Index SRI Fund X X X X X X       X
MM Global Emerging Markets Fund X X X X     X X   X
Northern Trust World Custom ESG Equity Index Fund                 X  
Northern Trust - Emerging Markets ESG Fund         X X     X  

Ontwikkeling aandelen ontwikkelde markten

MM European Equity Index Fund (Hedged)
Het MM European Equity Index Fund Hedged en het MM European Equity Index Fund kennen een passieve beleggingsstijl waardoor het rendement in lijn is met het rendement van de benchmark. Dat de beleggingsfondsen een negatief relatief rendement behaalden kwam vooral door het uitsluitingsbeleid. Daarnaast droegen kosten ook negatief bij aan het relatieve rendement. De beleggingsfondsen zijn begin 2024 geliquideerd.

MM Developed World Equity Index Fund (Hedged)
Het MM Developed World Equity Index Fund Hedged en het MM Developed World Equity Index Fund kennen een passieve beleggingsstijl waardoor het rendement in lijn is met het rendement van de benchmark. Dat de beleggingsfondsen een positief relatief rendement behaalden kwam vooral door het uitsluitingsbeleid. Daarnaast droeg het terugvorderen van dividendbelasting positief bij. Bij het berekenen van het benchmarkrendement wordt de mogelijkheid om dividendbelasting terug te vorderen niet meegenomen, terwijl dit door de fiscale status van de beleggingsfondsen deels wel mogelijk is.

Voor Pensioenkring Aon Groep Nederland zijn de beleggingen in het MM Developed World Equity Index Fund Hedged begin 2024 omgezet naar beleggingen in het onafgedekte MM Developed World Equity Index Fund. Gedurende de korte periode tot en met 25 januari 2024 dat Pensioenkring Aon Groep Nederland geïnvesteerd had in het MM Developed World Equity Index Fund Hedged is de gerapporteerde performance lager dan het gerapporteerde rendement van de benchmark. Voor het MM Developed World Equity Index Fund waar de pensioenkring vanaf 25 januari 2024 in belegt, geldt de toelichting in bovenstaande alinea.

Voor Pensioenkring GE Nederland zijn de beleggingen in het MM Developed World Equity Index Fund medio juli 2024 verkocht. Gedurende de periode tot en met 18 juli 2024 dat Pensioenkring GE Nederland geïnvesteerd had in het MM Developed World Equity Index Fund is de gerapporteerde performance lager dan het gerapporteerde rendement van de benchmark.

MM World Equity Index SRI Fund (– EUR)
Het MM World Equity Index SRI Fund – EUR en het MM World Equity Index SRI Fund kennen een passieve beleggingsstijl waardoor het rendement in lijn is met het rendement van de benchmark. Het terugvorderen van dividendbelasting droeg dit jaar positief bij en als gevolg hiervan behaalde het beleggingsfonds een positief relatief rendement.

Northern Trust World Custom ESG Equity Index Fund
Het Northern Trust World Custom ESG Equity Index Fund is een passief beleggingsfonds dat als doel heeft het rendement van de benchmark zo nauwkeurig mogelijk te benaderen. In de rapportage is de “standaard” MSCI index als benchmark opgenomen, terwijl Northern Trust (NT) een aangepaste benchmark gebruikt waarbij de index wordt aangepast voor vanuit ESG-oogpunt uitgesloten bedrijven. Over 2024 behaalde het beleggingsfonds een rendement dat hoger lag dan het rendement van de “standaard” MSCI benchmark. Dit wordt gedreven door het feit dat de uitsluitingen een positief effect hadden op het rendement over 2024 waardoor de portefeuille en de aangepaste benchmark een hoger rendement behaalden. Tegen de aangepaste index behaalde het beleggingsfonds een hoger rendement. Dit wordt gedreven door het terugvorderen van dividendbelasting. Bij het berekenen van het benchmarkrendement wordt de mogelijkheid om dividendbelasting terug te vorderen niet meegenomen, terwijl dit door de fiscale status van het beleggingsfonds deels wel mogelijk is. Het beleggingsfonds presteerde hierdoor in lijn met de verwachting.

Ontwikkeling aandelen opkomende markten

MM Global Emerging Markets Fund
Het MM Global Emerging Markets Fund belegt wereldwijd in aandelen van ondernemingen uit opkomende markten. De managers in het beleggingsfonds maken gebruik van bottom-up aandelenselectie. Hoewel het rendement van opkomende markten in het verslagjaar positief was, bleef het rendement sterk achter bij het rendement van de ontwikkelde markten. Het beleggingsfonds behaalde in 2024 een rendement dat lager was dan het rendement van de benchmark. De marktomstandigheden waren lastig voor de managers waardoor drie van de vier managers in 2024 achterbleven bij hun benchmark. Vooral de managers met een wereldwijd mandaat in opkomende markten hadden een moeilijk jaar. Dit werd voor een groot deel veroorzaakt door negatieve aandelenselectie in China, Brazilië en Zuid-Korea. Daarnaast droeg ook de onderweging naar het sterk presterende Taiwan bij één van de managers negatief bij.  

Northern Trust Emerging Markets ESG Fund
Het Northern Trust Emerging Markets ESG Fund is een passief beleggingsfonds dat als doel heeft het rendement van de benchmark zo nauwkeurig mogelijk te benaderen. In de rapportage is de “standaard” MSCI index als benchmark opgenomen, terwijl Northern Trust (NT) een aangepaste benchmark gebruikt waarbij de index wordt aangepast voor vanuit ESG-oogpunt uitgesloten bedrijven. Over 2024 behaalde het beleggingsfonds een rendement dat hoger lag dan het rendement van de “standaard” MSCI benchmark. Dit wordt gedreven door het feit dat de uitsluitingen een positief effect hadden op het rendement over 2024 waardoor de portefeuille en de aangepaste benchmark een hoger rendement behaalden. Tegen de aangepaste index behaalde het beleggingsfonds een rendement wat net iets lager lag dan de (aangepaste) benchmark. Dit werd gedreven door de lopende kostenfactor van het beleggingsfonds. Daarmee presteerde het fonds in 2024 in lijn met de verwachting.

Toelichting resultaten beleggingsfondsen voor private equity

In de volgende tabel is weergegeven in welke beleggingsfondsen de verschillende pensioenkringen beleggen voor private equity.

  Eastman SVG Holland Casino Douwe Egberts Ballast Nedam GE Nederland TotalEnergies Nederland Aon Groep Nederland Astellas Multi-client 2
Unigestion Euro Choice IV     X             X
Unigestion Euro Choice V     X             X
Asia Alternatives CP V             X      
Asia Alternatives Delaware V             X      
Blue Sky Group Private Equity Europe I             X      
Blue Sky Group Private Equity Secondaries II             X      
Blue Sky Group Private Equity US II             X      
LODH Euro Choice IV SC LP             X      

Beleggingen in private equity hebben door hun beperkte aandeel in de totale portefeuille niet significant aan het rendement bijgedragen. Pensioenkring Multi-Client 2 en Pensioenkring Holland Casino beleggen in private equity via twee verschillende Unigestion fondsen. Dit zijn zogenaamde fund of funds. Dat betekent dat deze Unigestion fondsen beleggen in private equity fondsen, in dit geval Europese. Euro Choice IV bevindt zich in de liquidatiefase en heeft een waarde van ongeveer 0,1 mln. Euro Choice V is in de distributiefase. De rendementen bij deze fondsen zijn goed en er wordt gestaag geld uitgekeerd.

Pensioenkring TotalEnergies Nederland heeft een aantal private equity beleggingen via verschillende fund of funds managers. Dat betekent dat deze fondsen beleggen in private equity fondsen. De fondsen hebben allemaal hun eigen geografische focus. Het Europe I fonds heeft een portefeuille met Europese upper mid-market fondsen en had in 2024 een goed rendement. Euro Choice IV heeft een focus op de Europese lower mid-market, de onderliggende investeringen in Euro Choice IV zijn bijna allemaal afgebouwd. Asia Alternatives richt zich op de Aziatische markt en heeft onderliggend de meeste exposure naar India en China. Het fonds had een positieve performance in 2024, maar wat lager dan de fondsen van Blue Sky Group (BSG). Het US Fund II richt zich op Amerikaanse fondsen actief in de mid-market. Dit fonds heeft een sterke performance gehad in 2024 dat was breed gedragen over de hele portefeuille. Secondaries II belegt via twee onderliggende managers in belangen op de tweedehands markt voor private equity belangen. Ook dit fonds had een goed rendement in 2024.

Toelichting resultaten beleggingsfondsen voor vastgoed

In de volgende tabel is weergegeven in welke beleggingsfondsen de verschillende pensioenkringen beleggen voor vastgoed.

  Eastman SVG Holland Casino Douwe Egberts Ballast Nedam GE Nederland TotalEnergies Nederland Aon Groep Nederland Astellas Multi-client 2
Northern Trust Developed Real Estate Index Fund Class G Acc                 X  
Aberdeen Standard - European Balanced Property Fund                 X  
CBRE Dutch Residential Fund                 X  
Blue Sky Group Real Estate Asia IV Private             X      
Blue Sky Group RE Asia Pacific Core Private             X      
Blue Sky Group Real Estate Europe Core Priv.             X      
Blue Sky Group Real Estate Europe II Private             X      
Blue Sky Group Real Estate Netherlands Core             X      
Blue Sky Group Real Estate USA Private Active             X      
Vesteda Residential Fund         X          

Northern Trust Developed Real Estate Index Fund
Het Northern Trust Developed Real Estate Index Fund is een passief beleggingsfonds dat als doel heeft het rendement van de benchmark zo nauwkeurig mogelijk te benaderen. Over 2024 behaalde het beleggingsfonds een rendement dat hoger lag dan het rendement van de benchmark. Dit wordt gedreven door het terugvorderen van dividendbelasting. Bij het berekenen van het benchmarkrendement wordt de mogelijkheid om dividendbelasting terug te vorderen niet meegenomen, terwijl dit door de fiscale status van het beleggingsfonds deels wel mogelijk is. Het beleggingsfonds presteerde hierdoor in lijn met de verwachting.

Aberdeen - Standard European Balanced Property Fund
Het Aberdeen - Standard European Balanced Property Fund heeft een gespreide core beleggingsstrategie en investeert in diverse vastgoedsectoren in Europa. Het beleggingsfonds behaalde een negatief rendement over 2024 met name door afwaarderingen van het Duitse vastgoed in de portefeuille en de kantoren. Het beleggingsfonds presteert minder dan de INREV European ODCE Index. Deze index voor Europese vastgoedfondsen bestaat uit vergelijkbare beleggingsfondsen met een gespreide portefeuille.

CBRE Dutch Residential Fund
Het CBRE Dutch Residential Fund belegt in Nederlandse woningen zoals appartementen en eensgezinswoningen. Na een negatief rendement in 2023 presteerde de Nederlandse woningmarkt en het beleggingsfonds positief over 2024, voornamelijk gedreven door een verdere waardestijging van het vastgoed. Het beleggingsfonds maakt geen gebruik van leverage waardoor het rendement relatief wat achter bleef vergeleken met andere Nederlandse woningfondsen.

Blue Sky Group Real Estate vastgoedpools
Pensioenkring TotalEnergies Nederland belegt in niet-beursgenoteerd vastgoed via zes vastgoedpools die beheerd worden door Blue Sky Group (BSG). Iedere vastgoedpool heeft een eigen beleggingsstrategie. BSG selecteert/selecteerde onderliggende niet-beursgenoteerde vastgoedfondsen die qua regio- en sectorallocatie passen bij de strategie van de respectievelijke vastgoedpools. De oudste vastgoedpool startte in juli 2013 en richt zich op beleggingen in Europa die waarde toevoegen. De jongste vastgoedpool begon in maart 2017 en focust zich op vastgoedbeleggingen in Nederland.

Pensioenkring TotalEnergies Nederland heeft per ultimo Q4 2024 EUR 28,8 mln belegd in niet-beursgenoteerd vastgoed. Daarvan is net wat meer dan een derde (36%) belegd in Europa. De allocatie naar Noord-Amerika neemt met 35% van de portefeuille een tweede plaats in. In Azië-Pacific is het minste belegd. Deze allocatie bedroeg per 31 december 2024 8%. In totaal heeft Pensioenkring TotalEnergies Nederland met de zes BSG-vastgoedpools exposure naar 25 onderliggende niet-beursgenoteerde vastgoedfondsen. Deze hebben gezamenlijk belegd in meer dan 3.000 gebouwen.

De vastgoedpools die beleggen in Azië, de VS en Nederland lieten het tweede halfjaar een klein positief rendement zien. In Europa is het beeld nog omgekeerd en zijn de rendementen negatief. Deze rendementsontwikkeling past bij het algemene beeld in de markt.

Sinds de opname in de portefeuille laten de Amerikaanse en Aziatische vastgoedpools jaarlijks gemiddeld een beperkt positief rendement zien. In Europa is het gemiddelde jaarrendement nog negatief. Alles overziend zijn de rendementsontwikkelingen die BSG liet zien tijdens het tweede halfjaar in lijn met de rendementsontwikkelingen van vergelijkbare portefeuilles. Het sentiment draaide tijdens Q4 2022. Tot die tijd lieten alle BSG vastgoedpools nog positieve rendementen zien. Daarna zorgden vooral renteverhogingen en overallocaties naar vastgoed van institutionele beleggers voor negatieve rendementen.

Vesteda Residential Fund
Het Vesteda Residential Fund belegt in Nederlandse woningen zoals appartementen en eensgezinswoningen. Na een negatief rendement in 2023 presteerde de Nederlandse woningmarkt en het beleggingsfonds positief over 2024, voornamelijk gedreven door een verdere waardestijging van het vastgoed. Het beleggingsfonds presteert beter dan vergelijkbare Nederlandse woningfondsen, deels gedreven door het gebruik van leverage.

Toelichting resultaten beleggingsfondsen voor vastrentende waarden

In de volgende tabel is weergegeven in welke beleggingsfondsen de verschillende pensioenkringen beleggen voor vastrentende waarden

  Eastman SVG Holland Casino Douwe Egberts Ballast Nedam GE Nederland TotalEnergies Nederland Aon Groep Nederland Astellas Multi-client 2
Aberdeen Standard - Euro Corporate Sustainable Bond                 X  
MM Euro Credit ESG Fund X X X X X X   X    
MM Credit Index Fund                   X
MM Global Credit Ex Financials Fund X                  
MM Global Credit Ex Financials Fund - Unhedged   X X X X X X     X
MM Global Green Bond Fund X X X X X X        
MM Global High Yield Fund Hedged               X    
MM Global High Yield Fund             X X    
MM Dutch Mortgage Fund X X X X X X X X   X
ASR Mortgage Fund - met NHG-garantie               X    
MM Global Emerging Market Debt Fund Hedged X             X    
MM Global Emerging Market Debt Fund   X X X X   X X   X
Discretionaire inflatiegerelateerde staatsobligaties X X X X X         X
Discretionaire portefeuille nominale staatsobligaties X X X X X X X X X X

Ontwikkeling bedrijfsobligaties Europa

Aberdeen Standard - Euro Corporate Sustainable Bond Fund
Het Aberdeen Standard - Euro Corporate Sustainable Bond Fund heeft beter gerendeerd dan de benchmark in 2024 en ook op lange termijn presteert het beleggingsfonds beter dan de benchmark. Het beleggingsfonds wist de outperformance te behalen door vooral te profiteren van de obligatie selectie binnen de sectoren. Vooral posities in vastgoed en financiële waarden droegen positief bij. Ook was de overweging van achtergestelde obligaties positief voor het relatieve rendement.

MM Euro Credit ESG Fund
Het MM Euro Credit ESG Fund heeft beter gerendeerd dan de benchmark in 2024 en ook op lange termijn presteert het beleggingsfonds beter dan de benchmark. Het fonds wist de outperformance te behalen met een zeer laag risicoprofiel. Het fonds profiteerde vooral van de obligatie selectie binnen de sectoren. Vooral posities in financieel waarden droegen positief bij. De drie managers binnen het fonds behaalden allemaal een positief relatief resultaat in 2024.

MM Credit Index Fund
Het MM Credit Index Fund kent een passieve beleggingsstijl waardoor het rendement normaliter in lijn is met het rendement van de benchmark. In tegenstelling tot de benchmark maakt het beleggingsfonds kosten bij de transacties om het beleggingsfonds in lijn te houden met de benchmark waardoor het beleggingsfonds over het algemeen wat achterblijft bij de benchmark. In 2024 was het rendement van het beleggingsfonds licht lager dan dat van de benchmark. Beperkte afwijkingen van het rendement ten opzichte van de benchmark worden veroorzaakt door transactiekosten, de uitsluitingslijst en de timing van aan- en verkopen voor herijking van de portefeuille.

Ontwikkeling bedrijfsobligaties wereld (exclusief financials)

MM Global Credit Ex Financials Fund (- Unhedged)
Het MM Global Credit Ex Financials Fund en het MM Global Credit Ex Financials Fund - Unhedged kennen een passieve beleggingsstijl. De beleggingsfondsen kunnen, in tegenstelling tot de benchmark, naar BBB afgewaardeerde obligaties aanhouden om transactiekosten te beperken. Eind 2024 is 7,6% belegd in obligaties met een rating van BBB+ of BBB. Het aanhouden van deze obligaties had een licht positief effect op het rendement. Transactiekosten hadden een licht negatief effect. Bij het MM Global Credit Ex Financials Fund zorgde ook de kaspositie, die aangehouden moet worden als onderpand voor de valuta afdekking, voor een licht negatieve bijdrage aan het relatieve rendement omdat kas minder rendeerde dan bedrijfsobligaties.

Ontwikkeling Green Bonds

MM Global Green Bond Fund
Het MM Global Green Bond Fund belegt uitsluitend in erkende green bonds volgens strenge maatstaven. De opbrengst van deze obligaties wordt geheel gebruikt voor projecten met een aanwijsbaar positieve impact op het milieu op het gebied van schone energie, energiebesparing, waterbeheer en milieuvriendelijke transportmiddelen en gebouwen. Het beleggingsfonds presteerde beter dan de benchmark gedurende 2024. Ook het trackrecord sinds inceptie van het beleggingsfonds is in lijn met de outperformance doelstelling. 

Ontwikkeling hoogrentende bedrijfsobligaties

MM Global High Yield Fund (Hedged)
Het rendement van het MM Global High Yield Fund Hedged en het MM Global High Yield Fund was lager dan dat van de benchmark. Zowel sector allocatie als selectie van obligaties binnen de sectoren leverden een negatieve bijdrage. Beide managers in het beleggingsfonds hielden een defensieve portefeuille aan in de verwachting dat de high yield markt kwetsbaar was. Aangezien de high yield markt een sterke koersontwikkeling kende in 2024 was de defensieve positionering negatief voor het relatieve rendement. Beide managers hadden de sterke high yield markt niet voorzien en konden daarom geen waarde toevoegen.

Voor Pensioenkring Aon Groep Nederland zijn de beleggingen in het MM Global High Yield Fund Hedged begin 2024 omgezet naar beleggingen in het onafgedekte MM Global High Yield Fund. Het rendement van het MM Global High Yield Fund Hedged in de periode tot en met 25 januari 2024 was beperkt lager dan dat van de benchmark. Ook het rendement van het MM Global High Yield Fund was lager dan dat van de benchmark voor de periode vanaf 25 januari 2024 tot en met 31 december 2024.

Ontwikkeling Nederlandse hypotheken

MM Dutch Mortgage Fund
Het rendement van de belegging in het MM Dutch Mortgage Fund was in 2024 aanzienlijk hoger dan dat van Nederlandse staatsobligaties. De risicopremie van hypotheken daalde van 2,0% naar een niveau van 1,3% voor een 20-jaars hypotheek met NHG. Huizenprijzen in Nederland lieten een duidelijke stijging zien in 2024. Het beleggingsfonds is relatief goed beschermd tegen mindere economische periodes door de relatief lage loan-to-value (minder dan 60%). Betalingsachterstanden op hypotheken zijn nog steeds zeer laag.

ASR Mortgage Fund met NHG-garantie
Het rendement van de belegging in het ASR Mortgage Fund met NHG-garantie was over de periode tot en met 28 maart 2024 hoger dan het rendement op Nederlandse staatsobligaties. Per saldo daalde de risicopremie over bovengenoemde tijdvak. De huizenmarkt in Nederland ontwikkelde zich sterk ondanks de nog steeds hogere rente. Betalingsachterstanden op hypotheken zijn nog steeds historisch laag. De gemiddelde loan-to-value van ongeveer 65% biedt bescherming tegen slechtere economische omstandigheden.

Ontwikkeling staatsleningen opkomende markten

MM Global Emerging Market Debt Fund (Hedged)
Het rendement van het actief beheerde MM Global Emerging Market Debt Fund, dat belegt in staatsleningen van opkomende markten, en het actief beheerde MM Global Emerging Market Debt Fund Hedged, dat belegt in staatsleningen van opkomende markten en daarbij de Amerikaanse dollar exposure afdekt naar euro, behaalden in 2024 een duidelijk beter rendement dan de benchmark. De beleggingsfondsen namen meer risico dan de benchmark, en dit werd in het afgelopen jaar beloond daar de risicopremies van vooral de landen met een high yield rating sterk daalden. Deze sterke daling van de risicopremies zorgde voor positieve absolute rendementen. De beleggingsfondsen hadden meer dan de benchmark belegd in landen als Argentinië, Ghana, Ecuador, Oekraïne, Sri Lanka, en Zambia. Al deze posities droegen positief bij aan het relatieve rendement.

Voor Pensioenkring Aon Groep Nederland zijn de beleggingen in het MM Global Emerging Market Debt Fund Hedged begin 2024 omgezet naar beleggingen in het onafgedekte MM Global Emerging Market Debt Fund. Het rendement van het MM Global Emerging Market Debt Fund Hedged was in de eerste drie weken van januari licht negatief, maar hoger dan dat van de benchmark. De dollar werd in deze periode iets sterker ten opzichte van de euro. Het fonds nam meer risico dan de benchmark, en dit werd beloond omdat de risicopremies van vooral de landen met een high yield rating sterk daalden. Voor het MM Global Emerging Market Debt Fund waar de pensioenkring vanaf 25 januari 2024 in belegt, geldt de toelichting in bovenstaande alinea.

Ontwikkeling discretionaire (inflatie-gerelateerde) staatsobligaties

In de verslagperiode behaalde de portefeuille met discretionaire nominale staatsobligaties een negatief rendement voor alle pensioenkringen, met uitzondering van Pensioenkring Astellas. Europese staatsobligaties lieten een daling zien als gevolg van een stijgende rente, met name in het eerste half jaar en in december. Doordat de economie verzwakte, werd de noodzaak groter en groter voor de ECB om het monetaire beleid om te gooien en de economie weer te gaan stimuleren met renteverlagingen. Het aantal renteverlagingen dat werd verwacht ging met een rap tempo omhoog naar mate de economische cijfers verder tegenvielen. Toen in het laatste kwartaal bleek dat de economie best robuust overeind bleef, veerde de rente weer verder omhoog en zakte het aantal verwachte renteverlagingen voor het komende jaar.

Voor Pensioenkring GE Nederland en Astellas, die in Franse staatsobligaties beleggen, werd 2024 ook gekenmerkt door tumult in de Franse regering, wat een negatieve invloed had op de opslagrisico’s op Franse staatsobligaties. Deze staatsobligaties verloren dus wat terrein ten opzichte van de core landen zoals Nederland en Duitsland. 

  • Voor Pensioenkring GE Nederland had de relatief lange duratie van de portefeuille een negatieve invloed, omdat de rentecurve onveranderd bleef. 
  • Het rendement bleef voor Pensioenkring Astellas positief door de relatief lage duratie van de portefeuille en de allocatie naar supranationale instanties, ondanks de stijgende rente.

Discretionaire inflatie-gerelateerde staatsobligaties
Pensioenkringen Eastman, SVG, Holland Casino, Douwe Egberts, Ballast Nedam en Multi-client Pensioenkring 2 belegden begin 2024 in discretionaire inflatie-gerelateerde staatsobligaties en deze portefeuille behaalde een negatief rendement in de verslagperiode. De inflatie-gerelateerde obligaties waarin deze pensioenkringen hebben belegd, zijn halverwege het jaar allemaal verkocht. Met de opbrengst daarvan zijn vervolgens nominale staatsobligaties aangekocht. Dit heeft goed uitgepakt, aangezien de inflatiecijfers harder wegzakten in het tweede deel van 2024. De inflatie-component van inflatie-gerelateerde staatsobligaties bracht hierdoor een negatieve performance mee, aangezien de inflatie dankzij alle renteverhogingen van de jaren hiervoor verder terug zakte.

Toelichting resultaten beleggingsfondsen voor liquiditeiten

In de volgende tabel is weergegeven in welke beleggingsfondsen de verschillende pensioenkringen beleggen voor liquiditeiten.

  Eastman SVG Holland Casino Douwe Egberts Ballast Nedam GE Nederland TotalEnergies Nederland Aon Groep Nederland Astellas Multi-client 2
Fidelity Institutional Liquidity Fund PLC - The Euro Fund X X X X X X X X X X
Morgan Stanley Liquidity Funds - Euro Liquidity Fund X X X X X X X X X X
BlackRock ICS Euro Liquidity Fund X X X X X X X X X X

Ontwikkelingen liquiditeiten

Morgan Stanley Euro Liquidity Fund, Fidelity Institutional Liquidity Fund en BlackRock ICS Euro Liquidity Fund
De liquiditeiten worden in geldmarktfondsen belegd. Voor het Morgan Stanley Euro Liquidity Fund, het Fidelity Institutional Liquidity Fund en het BlackRock ICS Euro Liquidity Fund, was het de primaire focus om te kunnen voorzien in liquiditeit vanwege de aanhoudende onzekerheden in de financiële markten. Om dit te bewerkstelligen hield men vast aan een relatief hoge allocatie naar dagelijks opvraagbare deposito’s en posities met een looptijd van maximaal één week. Wel werd de gemiddelde looptijd van het fonds licht verhoogd om langer te profiteren van een hogere rente, aangezien de geldmarktrente gedurende het jaar daalde. Het behaalde rendement was positief.

12.2
Risicoparagraaf pensioenkringen

Bij het bepalen van het beleid en het nemen van belangrijke besluiten maakt het bestuur een afweging tussen risico, rendement en beheersing van de risico’s. Daarbij heeft het bestuur bovendien grenzen (risicobereidheid) gedefinieerd aan de omvang van de risico’s. Het beleid is vastgelegd in de ABTN van de pensioenkringen en het financieel crisisplan.

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op het financieel crisisplan en de financiële en niet-financiële risico's die voor alle pensioenkringen van toepassing zijn. De voor een pensioenkring van toepassing zijnde specifieke informatie is in het verslag van de betreffende pensioenkring opgenomen.

Financieel crisisplan

Voor alle pensioenkringen is een financieel crisisplan opgesteld. In dit financieel crisisplan zijn maatregelen beschreven die het bestuur kan inzetten wanneer op korte termijn de financiële positie van een pensioenkring zich bevindt op of snel beweegt richting kritische waarden, waardoor het realiseren van de doelstellingen van de pensioenkring in gevaar komt. Het financieel crisisplan vormt hiermee een handleiding voor het bestuur voor de wijze waarop het zal handelen. Het financieel crisisplan is onderdeel van de ABTN en wordt jaarlijks getoetst en waar nodig aangepast aan de actualiteit. 

Risico's met mogelijke impact op financiële positie pensioenkringen

Elke pensioenkring heeft te maken met financiële risico’s om haar doelstellingen behalen. Het bestuur is van mening dat door het inzetten van effectieve beheersmaatregelen de impact op een ongunstige gebeurtenis wordt verkleind. Hieronder wordt voor de belangrijkste financiële risico’s toegelicht wat de impact van deze mogelijk ongunstige gebeurtenissen is op de financiële positie van de pensioenkringen.

Solvabiliteitsrisico

Het belangrijkste risico van de pensioenkring is het solvabiliteitsrisico. Dit is het risico dat de pensioenkring op lange termijn de pensioenverplichtingen niet kan nakomen. Om het solvabiliteitsrisico te beheersen dient de pensioenkring over voldoende buffers in het vermogen te beschikken. De vereiste buffers voor het vereist eigen vermogen worden vastgesteld met de door DNB voorgeschreven solvabiliteitstoets. Ook wordt door middel van een ALM-studie inzicht verkregen in de toekomstige ontwikkeling van de solvabiliteit. In een ALM-studie wordt namelijk het premiebeleid, het toeslagbeleid en het beleggingsbeleid integraal getoetst.

Matching/Renterisico

De pensioenkringen lopen renterisico over de verplichtingen, omdat de verplichtingen in waarde veranderen door mutaties in de marktrente. De waarde van de pensioenverplichtingen is gelijk aan de hoeveelheid geld die nu gereserveerd zou moeten worden om bij de gegeven rente precies te kunnen voldoen aan alle toekomstige uitkeringen. Hoe lager de rente, hoe minder het geld naar verwachting zal groeien en hoe meer geld er nu gereserveerd moet worden om de uitkering in de toekomst te kunnen verrichten. Omdat de uitkeringen zo ver in de toekomst liggen, heeft de rente een zeer grote invloed op de waarde van de pensioenverplichtingen. Om het renterisico af te dekken maken de pensioenkringen gebruik van vastrentende waarden en renteswaps. Wanneer de rente daalt, zullen de verplichtingen toenemen, maar daar staat een waardestijging van de afdekkingsportefeuille tegenover. Hiermee wordt het renterisico dat de pensioenkringen lopen (deels) afgedekt.

In de volgende tabel is voor elke pensioenkring aangegeven hoe hoog de strategische afdekking van het renterisico is met de daarbij behorende bandbreedte of dat gebruik wordt gemaakt van een rentestaffel.

  Eastman SVG Holland Casino Douwe Egberts Ballast Nedam GE Nederland TotalEnergies Nederland Aon Groep Nederland Astellas Multi-client 2
Niveau strategische afdekking van het renterisico 77,5%   70,0%   55,0% 70,0%   60,0% 60,0% 70,0%
Bandbreedte +/- 3,0%   3,0%   5,0% 3,0%   5,0% 5,0% 3,0%
Gebruik van een rentestaffel   X   X     X      

De mate van afdekking van het renterisico is voor een pensioenkring veruit het meest bepalend voor het renterisico dat resteert. Voor een pensioenkring wordt de strategische afdekking van het renterisico gebaseerd op een rentestaffel met een high watermark of op een vast niveau van de nominale verplichtingen.

Indien de afdekking van het renterisico voor de pensioenkring dynamisch wordt vormgegeven door middel van een rentestaffel met een high watermark, wordt de afdekking van het renterisico conform de rentestaffel verhoogd, wanneer de referentierente stijgt. Bij een rentedaling wordt de afdekking van het renterisico niet verlaagd. Rondom de strategische mate van afdekking van het renterisico wordt een bandbreedte van 3%-punt boven en onder dit gewicht gehanteerd. 

Wanneer de pensioenkring een vast niveau voor de strategische afdekking van het renterisico van de nominale verplichtingen afdekt, wordt het gewenste niveau van de afdekking van het renterisico gebaseerd op de rentegevoeligheid van de verplichtingen onder de swapcurve zonder UFR. Rondom de strategische mate van afdekking van het renterisico een bandbreedte boven en onder dit gewicht gehanteerd. Zie voor deze bandbreedtes bovenstaande tabel. 

Binnen de bandbreedtes kan de mate van afdekking van het renterisico vrij bewegen zonder aanvullende maatregelen te nemen. Wanneer de mate van afdekking van het renterisico zich buiten deze marges beweegt vindt bijsturing plaats. 

Naast het risico dat het algehele renteniveau daalt, bestaat ook het risico dat de beleggingen de waarde mutatie van de verplichtingen niet kunnen opvangen vanwege rentemutaties die per looptijd verschillend zijn (curverisico). Rentes met korte looptijden (0 tot 5 jaar) kunnen namelijk anders bewegen dan rentes met langere looptijden (bijvoorbeeld 30 jaar). Om dit risico te beheersen maakt de pensioenkring gebruik van bandbreedtes per looptijdbucket. Per looptijdbucket wordt gemonitord of de afdekking van het renterisico zich binnen de vooraf gestelde bandbreedtes bevindt. Wanneer de gestelde bandbreedte wordt overschreden vindt bijsturing plaats.

De gerealiseerde afdekking van het renterisico ten opzichte van de strategische afdekking van het renterisico en de ex-ante mate van afdekking van het renterisico zijn in de risicoparagraaf van de betreffende pensioenkring opgenomen.

Marktrisico

Marktrisico is het risico als gevolg van het blootstaan aan wijzigingen in marktprijzen van verhandelbare financiële instrumenten. Voor de pensioenkring heeft dit risico betrekking op de zakelijke waarden. Het risico voor de vastrentende waarden valt onder het krediet- en renterisico. De zakelijke waarden bestaan uit aandelenbeleggingen. Bij aandelenbeleggingen vinden de beleggingen wereldwijd plaats. Door de spreiding binnen de portefeuille (diversificatie) wordt het prijsrisico gedempt en dat is daarmee één van de belangrijkste mitigerende beheersmaatregelen.

Daarnaast is de periodieke ALM-studie een belangrijke beheersmaatregel om vast te stellen of gekozen portefeuille met allocatie naar zakelijke waarden voldoet aan de gewenste afweging van risico versus rendement.

De gevoeligheid van de dekkingsgraad voor verschillende scenario's van het markt- en renterisico is in de risicoparagraaf van de betreffende pensioenkring nader toegelicht bij een tabel met de dekkingsgraden per scenario.

Valutarisico

De verplichtingen van de pensioenkringen luiden in euro’s. Binnen de beleggingsportefeuille wordt wereldwijd belegd. Hierdoor ontstaat valutarisico. Valutarisico is het risico dat de beleggingsportefeuille in waarde daalt als gevolg van het zwakker worden van vreemde valuta ten opzichte van de euro.Afhankelijk van de beleggingscategorie is de valuta van notering niet per definitie een goede indicatie voor het daadwerkelijke valutarisico. Voor obligaties geldt normaliter dat de valuta van notering een goede indicatie is van het daadwerkelijke valutarisico omdat de te verwachten kasstromen vaststaan in de valuta van notering. Dit pleit voor het afdekken van vreemde valuta voor obligaties.

Binnen obligaties opkomende markten mag een maximaal percentage van 20% in lokale valuta worden belegd. Beleggingen in lokale valuta worden voor de afdekking van het valutarisico beschouwd als USD beleggingen en worden dan ook conform het beleid voor de USD voor 100% afgedekt. Aandelen zijn aan meerdere directe en indirecte valutarisico’s onderhevig en de valuta van notering is steeds meer slechts een rapportagevaluta. Dit geldt vooral voor multinationals. Het internationale karakter van ondernemingsactiviteiten pleit voor het slechts deels afdekken van het valutarisico van aandelen.

Daarom wordt binnen de categorie aandelen de exposure naar USD, GBP en JPY afgedekt. Indien de pensioenkring het valutarisico afdekt met een overlay, geldt een bandbreedte van +/- 10% rondom de strategische afdekkingspercentages. 

In de volgende tabel zijn de strategische afdekkingspercentages voor de afdekking van de exposures naar USD, GBP en JPY opgenomen en is tevens aangegeven of een pensioenkring het valutarisico afdekt met een overlay.

  Eastman SVG Holland Casino Douwe Egberts Ballast Nedam GE Nederland TotalEnergies Nederland* Aon Groep Nederland Astellas Multi-client 2
Aandelen ontwikkelde markten 50,0% 50,0% 50,0% 50,0% 50,0% 50,0% 50,0% 100,0% 100,0% 50,0%
Aandelen opkomende markten n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Beursgenoteerd vastgoed                 n.v.t.  
Private Equity     n.v.t.       50,0%     n.v.t.
Staatsleningen opkomende markten 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0%   100,0% 100,0%   100,0%
Hoogrentende bedrijfsobligaties             100,0% 100,0%    
Niet-beursgenoteerd vastgoed         n.v.t.   100,0%   n.v.t.  
Bedrijfsobligaties Europa n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.   n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Bedrijfsobligaties wereld (exclusief financials) 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0%     100,0%
Green Bonds 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0% 100,0%        
Hypotheken Nederland n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Staatsobligaties (incl. instrumenten t.b.v. renteafdekking) n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Afdekking met een FX overlay   X X X X X X X   X

Het afdekken van valutarisico brengt verschillende kosten met zich mee. Deze zijn grofweg in vier categorieën onder te verdelen:

  • het renteverschil tussen de twee valuta. Indien de risicovrije rente in vreemde valuta hoger is, worden de kosten voor het afdekken ook hoger.
  • een cross currency basisspread, die het gevolg is van liquiditeit en vraag/aanbod
  • transactiekosten voor het afsluiten/tegensluiten van de benodigde derivaten
  • operationele kosten voor het mogelijk maken en beheer van valutarisico-afdekking

Een belangrijke kostencomponent in de afdekking van het valutarisico is het renteverschil tussen de rente in het land van de betreffende valuta en de rente in de Eurozone. Hoe groter dit verschil, hoe hoger de kosten. Omdat de theorie die stelt dat de wisselkoers dit renteverschil goed zal maken in praktijk niet volledig opgaat, kan dit renteverschil als een verwachte kostenpost of opbrengst bestempeld worden.

Kredietrisico

Kredietrisico is het risico dat tegenpartijen van de pensioenkringen hun verplichtingen niet of niet volledig nakomen. Een pensioenkring loopt tegenpartijrisico op de tegenpartijen voor derivaten en heeft het tegenpartijrisico voor derivaten deels gemitigeerd door gebruik te maken van central clearing en uitwisselen van onderpand.

Daarnaast loopt een pensioenkring kredietrisico op de beleggingen in vastrentende waarden. Door te beleggen in breed gespreide portefeuilles wordt het specifieke risico van individuele debiteuren beheerst. De risico’s van deze categorieën voor de balans van een pensioenkring zijn meegewogen in de ALM-studie. Ter compensatie van de exposure naar kredietrisico wordt naar verwachting een risicopremie verdiend.

Liquiditeitsrisico

Pensioenkringen kennen drie bronnen van liquiditeitsbehoefte: pensioenuitkeringen, onderpand voor derivaten en efficiënt portefeuillebeheer. Het primaire belang is om aan de financiële verplichtingen (pensioenuitkeringen en onderpand derivaten) te voldoen. Voor een open pensioenkring dienen de uitkeringen vanuit de premie-inkomsten en aanvullend vanuit de kasstromen van de vastrentende waarden en het belegd vermogen gefinancierd te worden en voor een gesloten pensioenkring dienen de uitkeringen gefinancierd te worden vanuit de kasstromen van de vastrentende waarden en het belegd vermogen.

De beleggingsportefeuille van de pensioenkring is voor het grootste deel belegd in liquide beleggingscategorieën, die snel verkocht kunnen worden. Daarnaast worden kasbuffers aangehouden voor de uitvoering van operationele activiteiten en het beheer van onderpand uit hoofde van het gebruik van derivaten. Eén keer per jaar, in het kader van de beleggingsplancyclus, wordt voor de pensioenkring een liquiditeitstoets uitgevoerd. Binnen de liquiditeitstoets wordt gekeken in hoeverre de portefeuille past binnen de grenzen van het liquiditeitsbudget.

De Pensioenkringen SVG, Douwe Egberts en Ballast Nedam zijn gesloten pensioenkringen en de overige pensioenkringen zijn open en hebben premie-inkomsten.

Verzekeringstechnisch risico

Het verzekeringstechnisch risico heeft betrekking op alle verzekeringstechnische grondslagen die voor de pensioenkringen een risico vormen. Het belangrijkste verzekeringstechnisch risico voor de pensioenkringen is het langlevenrisico. Dit betreft het risico dat deelnemers langer leven dan verondersteld bij de vaststelling van de technische voorzieningen. Bij de vaststelling van het verzekeringstechnisch risico als onderdeel van het vereist eigen vermogen wordt voor het sterfterisico onderscheid gemaakt tussen procesrisico, trendsterfteonzekerheid en negatieve stochastische afwijkingen.

ESG-risico

ESG-risico’s zijn risico’s die verband houden met milieu, sociale verhoudingen en ondernemingsbestuur. De risico’s vloeien voort uit de invloed die de activiteiten van een onderneming hebben op de omgeving (bijvoorbeeld land, water, lucht en ecosystemen), de maatschappij en de manier waarop ondernemingen beheerd zijn. Materialisatie van deze risico’s kan, naast reputatie schade, materiële invloed hebben op de waarde van een onderneming.

De mate waarin de pensioenkringen zijn blootgesteld aan ESG-risico’s en de beheersing daarvan is afhankelijk van de samenstelling van de beleggingsportefeuille. In beginsel wordt een combinatie van meerdere instrumenten ingezet om deze risico’s te beperken, dan wel te mitigeren: stemmen, screening en dialoog, uitsluitingen en ESG-integratie. Het MVB-beleid van Stap bevat richtlijnen met betrekking tot ESG-risicobeheersing op portefeuilleniveau. Daarnaast is MVB een vast onderdeel van de investment cases, die gehanteerd worden voor het vaststellen van het strategisch beleid per beleggingscategorie.

Niet-financiële risico's

De niet-financiële risico’s zijn voor Stap op instellingsniveau uitgewerkt in het hoofdstuk integraal risicomanagement. Op het niveau van de pensioenkringen zijn de volgende belangrijkste niet-financiële risico´s onderkend.

Omgevingsrisico

De pensioenkringen van Stap zijn, net als de hele pensioensector, onderhevig aan diverse ontwikkelingen, zoals de rente- en inflatieontwikkelingen, de volatiliteit op de financiële markten, de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel, de overgang naar een CO₂ neutrale samenleving en overige nieuwe (Europese) wet- en regelgeving. Als omgevingsrisico is dan ook het risico van het niet tijdig of adequaat inspelen op van buiten Stap komende veranderingen op het gebied van reputatie en ondernemingsklimaat geïdentificeerd.

Met de oprichting en inrichting van Stap is reeds beoogd in te spelen op (toekomstige) ontwikkelingen in de pensioensector. Door het, in afstemming met de strategische partners, voortdurend monitoren van de ontwikkelingen in de pensioensector en financiële markten en het hierop inspelen in de uitvoering van het beleid, acht Stap het netto risico voldoende beheerst. Het bestuur zorgt daarbij voor een adequate en tijdige communicatie naar de deelnemers, belanghebbendenorganen en andere stakeholders van Stap.

Uitbestedingsrisico

Onder het uitbestedingsrisico voor de pensioenkringen verstaat Stap het risico dat de continuïteit, integriteit en/of kwaliteit van de aan derden uitbestede werkzaamheden of door derden ter beschikking gestelde apparatuur en personeel wordt geschaad.

Voor de beheersing van het uitbestedingsrisico heeft Stap onder andere de volgende beheersmaatregelen getroffen:

  • Stap  beschikt  over  marktconforme  uitbestedingsovereenkomsten  met  al  haar
    uitbestedingspartners, die voldoen aan de wettelijke regels op het gebied van uitbesteding.
  • De afspraken omtrent de uitbestede werkzaamheden en informatieverschaffing zijn contractueel vastgelegd in een Service Level Agreement met bijbehorende kritische performance-indicatoren.
  • Stap ontvangt en beoordeelt periodieke rapportages van haar strategische uitbestedingspartners (maand-, kwartaal-, SLA- en risicorapportages), die in de bestuursadviescommissies en bestuursvergaderingen worden besproken.
  • Stap vormt een oordeel over de kwaliteit van de interne beheersing bij de uitbestedingspartners en over de maatregelen die de uitbestedingspartners nemen om de kwaliteit te verbeteren op basis van extern gecertificeerde ISAE 3402-type II-verklaringen en aanvullende assurance verklaringen.
  • Ook ontvangt Stap van de uitbestedingspartners elk kwartaal een rapportage over de niet financiële risico’s. Deze rapportages worden beoordeeld door Stap en besproken met vertegenwoordigers van het 2e lijns risicomanagement van die partners. 
  • Stap voert periodiek strategisch overleg met de uitbestedingspartners en monitort, mede met het oog op de transitie naar de Wet toekomst pensioenen, het verandermanagement van de uitbestedingspartners. Specifiek voor de implementatie van de Wet toekomst pensioenen ontvangt Stap van TKP per kwartaal zowel een voortgangsrapportage als een risicorapportage.

IT-risico

De beschikbaarheid en beveiliging van IT-systemen wordt onderkend als een belangrijk risico. Door het niet beschikbaar zijn van (belangrijke) IT-systemen en/of de IT-omgeving bestaat het risico van operationele verstoringen. Daarnaast bestaat het risico bij niet adequate IT-beveiliging, dat informatie toegankelijk wordt voor niet geautoriseerde gebruikers en/of dat niet geautoriseerde gebruikers het functioneren van de IT-systemen verstoren of veranderen. Dit risico beperkt zich niet tot de IT- omgeving van Stap, maar omvat tevens de IT-omgeving van de uitbestedingspartners. De genoemde IT- risico’s kunnen daarom van invloed zijn op de dienstverlening aan de deelnemers.

Voor de beheersing van het IT-risico heeft Stap onder andere de volgende beheersmaatregelen getroffen:

  • Het ICT-beleid, het informatiebeveiligingsbeleid, het uitbestedingsbeleid en het privacy beleid van Stap worden periodiek geëvalueerd en geactualiseerd en er worden maatregelen getroffen ter beheersing van het risico. Het ICT-beleid en het informatiebeveiligingsbeleid zijn gerelateerd aan het uitbestedingsbeleid en hierin zijn adviezen van de externe partij Eraneos voor de compliance met de DORA regelgeving verwerkt.
  • Gedurende het jaar monitort Stap of de beheersing van het IT-risico bij de uitbestedingspartners overeenkomt met het beleid aan de hand van onder meer de SLA- en risicorapportages. Daarnaast rapporteren de uitbestedingspartners over de voor het IT-risico getroffen maatregelen en de interne beheersing via de ISAE 3402 type II-rapportages.
  • Op basis van de ISAE 3402 type II-rapportages en aanvullende assuranceverklaringen vormt Stap zich een oordeel over de kwaliteit van de interne beheersing voor het IT-risico bij de uitbestedingspartners en over de maatregelen die de uitbestedingspartners nemen om de kwaliteit te verbeteren.
  • Daarnaast wordt periodiek een RSA IT/IB uitgevoerd. Daarbij wordt onder andere gebruikgemaakt van het COBIT-raamwerk van de uitbestedingspartners. Belangrijke aandachtsgebieden zijn onder meer cyberrisico’s en datakwaliteit.
  • Zowel TKP als Aegon Asset Management hebben in 2024 gerapporteerd dat zij (blijvend) voldoen aan de DNB good practice op het gebied van informatiebeveiliging.

Stap onderkent het toenemende risico op cyberaanvallen gezien de hoge mate van digitalisering van de bedrijfsvoering en de afhankelijkheid hiervan. De analyse van de verhoogde gevoeligheid voor cybercrime maakt deel uit van de RSA ICT en de SIRA. Om dit risico te mitigeren, heeft Stap het ICT- en informatiebeveiligings-beleid geïmplementeerd en maatregelen getroffen. Zo laat de uitvoeringsorganisatie periodiek penetratietesten uitvoeren en worden (mogelijke) beveiligingsproblemen direct opgevolgd. Zowel bij de uitbestedingspartners als bij Stap hebben in 2024 geen incidenten, gerichte aanvallen (zoals DDoS) of andere verstoringen van de dienstverlening plaatsgevonden. Alle maatregelen in het kader van informatiebeveiliging zijn in werking en worden continu gemonitord.

In het kader van het nieuwe pensioenstelsel onderkent Stap het risico dat de IT-systemen hiervoor tijdig aangepast dienen te worden. TKP en Aegon Asset Management informeren Stap tijdens gezamenlijke werksessies en periodiek via rapportages over de voortgang van de wijzigingen die doorgevoerd moeten worden in de (administratieve) systemen als gevolg van de Wet toekomst pensioenen en de herijking van haar veranderportfolio. Stap heeft binnen de governance nadrukkelijk aandacht voor het TKP programma Wet toekomst pensioenen.

Juridisch risico

Stap opereert als financiële instelling in een omgeving die sterk gereguleerd is en de komende jaren flink verandert. De pensioensector krijgt te maken met aangepaste wetgeving, zoals onder meer de Wet toekomst pensioenen. Daarnaast is sprake van toenemende vereisten op het gebied van maatschappelijk verantwoord beleggen. Tevens lanceert de Europese Commissie (EC) de komende jaren regelgeving om de digitale weerbaarheid te vergroten en om financieel-economische criminaliteit effectiever tegen te gaan.

Voor het vergroten van de digitale weerbaarheid van de sector heeft de Europese Commissie (EC) een voorstel voor een verordening uitgebracht: de Digital Operational Resilience Act (DORA). DORA stelt eisen aan financiële organisaties ten aanzien van IT-risicomanagement, IT-incidenten, het periodiek testen van de digitale weerbaarheid en de beheersing van risico’s bij uitbesteding aan (kritieke) derden. Daarbij wordt rekening gehouden met de grootte, het risicoprofiel en het systeembelang van de individuele organisaties. DORA is met ingang van 17 januari 2025 ingevoerd en Stap heeft zich hier samen met de uitbestedingspartners op voorbereid. Daarvoor heeft Stap een apart project opgezet en wordt daarbij ondersteund door het externe bureau Eraneos.

Ook werkt de EC aan een nieuw kader voor de bestrijding van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme. Het doel hiervan is een gelijker speelveld te creëren tussen EU-jurisdicties voor het toezicht, gericht op het voorkomen van financieel-economische criminaliteit. Om te zorgen dat dit kader beter werkt, wil de EU een specifieke antiwitwasautoriteit oprichten. Ondertussen zet Nederland in op meer mogelijkheden voor instellingen om onderling informatie uit te wisselen. Kennisdeling vergroot het zicht op financieel-economische criminaliteit.

Bovenstaande ontwikkelingen leiden tot een verhoogd risico dat Stap niet voldoet aan wet- en regelgeving. Ter beheersing van dit juridisch risico maakt Stap gebruik van de binnen het Bestuur, het Bestuursbureau en bij de uitbestedingspartners aanwezige (juridische) kennis en kunde. Tevens heeft Stap een, nieuwe, externe Compliance Officer aangesteld en wordt waar nodig juridische expertise ingehuurd.